Schatten op zolder?

Niet echt want we hebben geen zolder. Schatten in mijn ex-kantoor dan misschien? We zullen het weten over een jaar of vijftig.

Mijn ex-kantoor, ik kom daar alleen om heel af en toe eens te stofzuigen en af te stoffen. En om te printen, wat zelden gebeurt want ik ben fan van paperless.

Het kastje met al mijn kantoorspullen was al niet meer open geweest sinds ik gestopt ben met werken … inmiddels meer dan vijf jaar geleden.

Gisteren moest ik een puntenslijper hebben voor de kleurpotloden van Kleine Man en die moest ik gaan zoeken in het bewuste kastje.

De slijper had ik snel gevonden. En nog wat andere spullen die onderhand antiek genoemd kunnen worden.

Wie herinnert er zich deze nog?

Diskettes, ik had er tientallen! Net zoals – later – CD-roms. Daar kon toch iets meer op. Op mijn laatste laptop heb ik niet eens meer een CD-reader/writer!
En mijn rekenmachine. Ik weet eigenlijk al niet meer waarvoor ik die gebruikte want ik was gewend om alle rekenkundige bewerkingen met Excel te doen. Maar … het werkt nog, met dezelfde batterijtjes dan toen. Goed spul!

Ik vond ook nog een doosje business cards. Ik vond het mooie kaartjes: crèmekleurig op een mooie kwaliteit papier, net zoals mijn briefpapier. Ik was er destijds, toen ik als freelancer begon, (lees:anno 1995) bijzonder trots op!

Ik had gisteren niet veel tijd om te rommelen, maar dat ga ik binnenkort toch eens doen. Wie weet wat voor schatten vind ik nog?!

Uit de oude doos


Oude blogberichten herlezen … het is zoals in een fotoalbum bladeren.
Eentje over ‘de jeugd van tegenwoordig’ uit 2008.

~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~

De bel gaat.
Ik doe open.
Er staat een mij onbekend jongetje voor de deur, een jaar of tien schat ik.
Of ik een steunkaart wil kopen voor een of ander feest van zijn school, hier zo’n 15 km vandaan.
Ik zeg iets in de trant van “het spijt me jongen, maar ik steun de scholen hier in de buurt al en kan van jou geen kaart kopen”.
Ondertussen was er een meisje komen bijstaan, iets ouder.
“Zie je wel, ik heb het toch gezegd dat ZE niet zou kopen”, siste ze …

Uit de oude doos

Oude blogberichten herlezen … het is zoals in een fotoalbum bladeren.
Deze keer eentje uit 2011 over onze lieve kater Zino die we een halfjaar later met veel pijn in het hart hebben moeten laten inslapen … 
‘Zino op avontuur

~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~


De laatste dagen staan er hier nogal eens wat deuren open vanwege voeg- en schilder- en andere werken. Nu taalde Zino daar nooit naar, die bleef de hele dag op zijn plekje in de zetel liggen. Heel af en toe maakt hij nog eens een korte wandeling in de tuin, maar daar blijft het bij.

Sinds hij blind en doof is, is hij ook niet meer boven geweest. Hij heeft het eerder nog wel eens een keer geprobeerd, maar dat was geen succes.

Vandaag echter ben ik hem al overal tegengekomen! Op de trap, in mijn kantoor, onderweg naar de badkamer, op het bed (waar hij vroeger niet weg te slaan was), op het tapijtje op den allée, …

Naar beneden gaat moeizaam, want hij ziet natuurlijk niet hoeveel treden hij nog te gaan heeft, maar hij is wel zonder ongelukken terug beneden geraakt. En hij ligt terug prinsheerlijk op zijn plekje in de zetel.

Uit de oude doos


Oude blogberichten herlezen … het is zoals in een fotoalbum bladeren.
Dit schreef ik op mijn blog in 2013.

~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~

Papoe en Beer gaan verhuizen. Zoonlief neemt ze mee naar hun nieuwe thuis. Bijna 31 jaar hebben ze hier gewoond. De eerste jaren in de wieg en het kinderbed, na een jaar of tien goed weggeborgen in een washandje want aan Papoe en Beer mocht niks aankomen. Hoewel … van Papoe schiet er nog nauwelijks iets over. Die is echt kapotgeknuffeld. Beer is er iets minder erg aan toe, maar ook zijn neus is al een paar keer vervangen en hij heeft zichtbaar een operatie gehad aan zijn buik.

Papoe en Beer

Ik herinner me nog dat zoontjelief eens samen met mijn ouders op vakantie was in De Haan aan Zee. Ze bezochten toen ook de Vlindertuin in Knokke. Eenmaal terug in het appartement bleek Papoe kwijt te zijn! Ze zijn toen helemaal terug naar Knokke gereden om Papoe te zoeken want zonder Papoe en zonder Beer slapen, dat was geen optie. Gelukkig hebben ze Papoe toen snel gevonden.

Papoe en Beer, ik wens jullie, samen met zoonlief en zijn meisje, heel veel geluk in jullie nieuwe huis.

PS 11/7/21: Papoe en Beer zijn nog steeds heel gelukkig in hun washandjes op hun nieuw adres.

Uit de oude doos

Oude blogberichten herlezen … het is zoals in een fotoalbum bladeren.
Eentje van 2010 … ‘Help!! Ik piep’

~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~

Ik piep. Tenminste, ik of iets wat ik bij me heb. Even verklaren: telkens ik een winkel binnen of buiten stap waar van die allernieuwste – en blijkbaar heel gevoelige – beveiligingspoortjes staan, heb ik prijs. Piep, piep, piep … Ik haat het! Iedereen kijkt naar je alsof je een dievegge bent.

In één winkel heb ik bij de man van de security mijn hele tas uitgeladen, want dat is de schuldige, en toen bleek dat het mijn portefeuille was. Die is al jaren oud en er zit geen verborgen strip in of iets dergelijks. Volgens de security man zou het te wijten zijn aan de chips die tegenwoordig in alle kaarten zitten. Te veel chips en je doet piep. En zonder die kaarten (identiteitskaart, creditcard, bankkaart) kan ik niet winkelen, zelfs niet boodschappen.

Het is wel een ideale manier om af te kicken van shoppen. Ik ga alleen nog een winkel binnen als ik zeker weet dat ze daar hebben waarnaar ik op zoek ben. En dan roep ik al van verre ‘ik piep’.

Twee weken later.

Gisteren ging ik de Makro binnen en ter hoogte van de veiligheidspoortjes piepte ik weer. Als de weerlicht kwamen er twee gestapo-achtige vrouwen op me afgestapt. Ik leg hen uit dat mijn portefeuille al maanden piept als ik door veiligheidspoortjes loop. Ze zouden het eens controleren …

Met een kleine scanner, zo eentje die ook op de luchthaven gebruikt wordt, scande ze heel minutieus mijn portefeuille. Toen ze over het linkerdeel ging piepte het!

“Daar zit ergens nog een beveiligingsplaatje” wist ze me te vertellen. En inderdaad, na grondige controle zag ik in een klein hoekje een al even klein beveiligingsplaatje tevoorschijn komen. Ik zeg “hoe kan dat nu, die portefeuille is jaren oud”. Blijkt dat die dingen zich na een tijd zelf opnieuw terug activeren. Plezant is anders.

Maar ik kan wel zonder problemen terug gaan shoppen! What a joy … (toen shopte ik blijkbaar nog graag, nvdr).

Uit de oude doos


Oude blogberichten herlezen … het is zoals in een fotoalbum bladeren.
Hier eentje uit 2007 toen het op de spoed in het plaatselijk ziekenhuis nog armoe troef was. Gelukkig is de situatie sindsdien verbeterd.

~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~

Vanmorgen bij het uitrijden van mijn parkeervak parallel aan de rijweg heb ik gebotst tegen een wagen die in de dode hoek van mijn spiegel zat. Ik schrok niet eens toen het gebeurde. Dacht alleen maar “oei, een botsing“. De laatste keer dat ik een aanrijding had was toen ik pas de trotse bezitter was van een rijbewijs, een jaartje of 34 geleden dus (inmiddels 48 jaar, nvdr).

De schade lijkt op het eerste zicht mee te vallen (linker zijkant vooraan), maar ik ben nog niet bij de garage geweest dus ik zwijg nog maar even.

Ik had ook pijn aan mijn hand en omdat ik al eens eerder twee weken met een gebroken voet heb rondgelopen zonder dat ik het wist (okee, die deed flink pijn, was erg gezwollen maar ik was ook een flinke vrouw en moest niet zeuren, aldus mijn toenmalige huisarts) dacht ik er toch goed aan te doen even langs de spoed te gaan voor wat foto’s.

Even” heeft tussen haakjes wel zo’n dikke vier uren geduurd! Je moet op zo’n spoedafdeling ook niet zijn voor de gezelligheid. Mensenlief toch. Je zit dan in zo’n kleine box te wachten, afgescheiden met een gordijn (*) van de boxen links en rechts, en je kan de conversaties aan de andere kant van de gordijnen moeiteloos volgen.

Kunde goe noa de koer goan?” (vertaling: kan je goed naar het toilet gaan) hoorde ik de verpleger vragen aan de half versufte man in de box naast mij. En “ziede nog goe?” (vertaling: zie je nog nog goed). “Mé welk oêg ziede nimmer goe?” (vertaling: met welk oog zie je niet meer goed). “Ge smoêrt te veel!” (vertaling: je rookt te veel).

Gênant! Super gênant!

Gelukkig had ik alleen maar mijn hand verstuikt en hoefde hij niet te weten of ik goe noa de koer kan gaan.

Na de foto’s moest ik terug de wachtkamer in, bij allemaal zuchtende mensen die daar al tijden zaten te wachten op uitslagen, verbanden, gipsen en wat dies meer zij. Op den duur schept dat toch ergens een band en sla je links en rechts een praatje. Toen ik wegging zei de half doezelende man naast me “dag juffrake” (vertaling: dag juffrouwtje). Mijn dag was weer helemaal goed!

(*) De boxen van toen zijn inmiddels kleine kamers geworden, met échte muren en deuren. Privacy verzekerd!

Uit de oude doos

Oude blogberichten herlezen … het is zoals in een fotoalbum bladeren.
Nog eens eentje uit de oude doos … zegge en schrijve 2009, toen Het Kind nog thuis woonde …

~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~

Het Kind moet vrijdagavond naar een galabal. Dat kwamen we gisteren aan de weet.

Zo ging de conversatie ongeveer:
Hij: ik moet vrijdag naar een galabal.
Wij: een galabal???
Hij: ja, van de faculteit diergeneeskunde van d’unief Gent (een van de vriendinnen studeert voor dierenarts). Waar is mijn pak?
Wij: in papa’s kleerkast. (Mocht het in zijn eigen kleerkast hangen, het zou er nogal uit zien!!)
Hij (komt naar beneden in Het Pak): het past nog! Maar dat hemd van toen (diploma-uitreiking 2005, nvdr) en die das, dat vind ik maar niks. En nieuwe schoenen moet ik ook.

Ik hoor hem al komen …

Hij: mam, hebt gij tijd van de week?
Ik: wanneer van de week? Ge moet de hele week werken.
Hij: ik kan iedere dag om vijf uur thuis zijn.
Ik: de winkels zijn wel om zes uur dicht.
Hij: oh, dan hebben we toch iedere dag een uur?!
Ik: drie keer een uur want donderdag moet ik zelf weg.
Hij (vol zelfvertrouwen): oh, maar dat lukt wel. En misschien kunt gij op voorhand al even gaan kijken of ze iets hebben voor mij. (dat had hij gedacht, ik had andere plannen van de week). Oh, en ik moet ook nog een corsage voor mijn date. Zoudt gij daar ook eens voor willen gaan kijken. Niet zo’n ding om op te spelden, maar iets dat ze als armband kan dragen.
Mam heeft nooit gehoord van zo’n soort corsage, maar ze weet in ieder geval wat doen de komende dagen. En het is nog niet gedaan, want
Hij: we hebben ook een hotel nodig want er zal wel wat gedronken worden. Gij kijkt wel eens op internet he?!

Tja, delegeren … het is niet iedereen gegeven maar Het Kind kan het verdorie bijzonder goed! En deze moeder kan niet ‘neen’ zeggen. Grrrr …

Uit de oude doos


Oude blogberichten herlezen … het is zoals in een fotoalbum bladeren.
‘De eeuwige discussie’ uit 2008 waar, tussen haakjes, anno 2021 nog niets aan veranderd is.

~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~

Vanmorgen samen met manlief de logeerkamer uitgemest want morgen krijgen we gasten. Deze kamer, de enige kamer ‘op overschot’ wordt al jaren door hem gebruikt om zijn duik- en fietsgerief in op te bergen. Nu ja, opbergen is een groot woord. De kast zit barstensvol spullen, ondertussen lag ook het bed al vol en de laatste maanden werd er ook gestapeld naast het bed. Er was geen doorkomen meer aan met als gevolg dat ik er maanden nauwelijks een voet heb binnengezet en dat de kamer eigenlijk met nog minder dan ‘de Franse slag’ gepoetst wordt. Behalve als we gasten krijgen dus.

Vanmorgen zijn we er aan begonnen. Eerst ik alleen. Het is bijna onvoorstelbaar wat ik aan rommel gevonden heb. Niet alleen duik- en fietsgerief, maar ook spullen die ik vorig jaar bij de opkuis (vrienden komen één keer per jaar) al voor het containerpark opzij had gelegd. Hij is de man die naar het containerpark rijdt, maar die spullen zijn daar blijkbaar nooit geraakt. Grrrrr. Bijgevolg heb ik hem even ter verantwoording geroepen.

Ik: Wat doen die oude vieze hoofdkussens en versleten dekbedden hier nog?
Hij: Ik dacht dat die nog wel eens van pas zouden kunnen komen.
Ik: Gaat gij die vieze dingen nog gebruiken dan?
Hij: Neen, maar ik dacht …

Grrr, grrr, grrr.

Ik: En al die rugzakken en andere tassen (reclamespul) die we nooit gebruiken? Die lagen toch ook al van vorig jaar opzij voor het containerpark?
Hij: Daar kunnen we misschien toch iemand een plezier mee doen?
Ik: JA, DOE DAT DAN MAAR LAAT HET HIER NIET LIGGEN!!!
Hij: IK HEB NOG WEL WAT ANDERS TE DOEN!

Ik weet al 32 jaar (44 jaar ondertussen, nvdr) dat dat niet de reden is! Hij wil bijhouden en vergaren, ik wil alles wat een jaar niet gebruikt is weg hebben. Die discussie hebben we wel vaker. Het eindigt er altijd mee dat hij kwaad alles wat hij vast kan krijgen in grote plastic zakken stopt … die hij dan naar de kelder draagt.

Uit de oude doos

Oude blogberichten herlezen … het is zoals in een fotoalbum bladeren. Verbouwingsperikelen … uit het jaar 2009

~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~

Bij onze verbouwingen op de benedenverdieping (twee en een half jaar geleden (=2007 nvdr) hadden we de kelderdeur verwijderd omdat de hall en het keldergat opnieuw gevloerd moesten worden. Die deur is er nooit meer ingekomen. Het was wel makkelijk zo, en het stoorde niet want de ingang naar de kelder is in een hoekje van de hall waar geen (vreemd) mens ooit komt. Maar er kwam wel immens veel kou uit dat keldergat.

Dus in oktober van het jaar 2009 zegt mijn lieve echtgenoot dat hij die deur terug gaat plaatsen omdat we te veel warmte verliezen.

Ergens in december vraag ik hem wanneer hij nu die deur terug gaat plaatsen … Ja, dat moest hij nog doen maar er moest eerst een stukje afgezaagd worden aan de onderkant want ze paste niet meer in het deurgat.

Half januari vraag ik hem wanneer hij een stukje van die deur gaat zagen …

En begin februari vraag ik hem dat nog een keer.

Toen zijn de mannen samen in actie geschoten en van de week hebben ze eindelijk de deur op maat gezaagd en terug op zijn plaats gezet. So far, so good. Maar er moest ook nog geverfd worden. Dat heb ikzelf vanmorgen in alle vroegte even gedaan. En morgen de tweede laag, zo is ook dat weer in orde.

Uit de oude doos

Oude blogberichten herlezen … het is zoals in een fotoalbum bladeren.
Nog eens eentje uit de oude doos … 2008, toen Het Kind nog thuis woonde.

~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~ ~

Pfff … de druktemaker is eindelijk de deur uit!

Kwart over acht hoor ik de wekker in de kamer van Het Kind. Een kwartier later al staat hij in de badkamer. Dat gaat in de week iets minder vlot … ik denk dat hij gaat sporten.

Badkamer vrij, mijn beurt dus. Ik kom beneden en hij is al zenuwachtig aan het rondbaggeren.

Hij: Mam, waar is mijn fietsbroek?
Ik: Ofwel in uw eigen kast of in de kast in de logeerkamer (daar ligt al het sportgerief bij elkaar want vader en zoon dragen nogal eens wat kleding van mekaar – zoon meer van vader dan omgekeerd overigens).
Komt met fietsbroek naar beneden.

Hij: met zijn allerliefste stemmetje: Zoudt gij een koffietje voor mij willen maken?
Ja, wat doet een moeder dan?!

Geen drie minuten later:
Hij: Waar ben ik nu weer met mijn fietsschoenen gebleven?
Ik: Ik heb ze van de week in uw kamer zien staan.
Hij terug droef-droef-droef de trap op naar boven (manlief sliep net want die had nachtdienst gehad). Komt met fietsschoenen naar beneden en gaat even zitten ontbijten, terwijl druk sms’end en telefonerend naar vrienden die mee gaan fietsen maar die nog uit hun bed moeten worden gezet.

Ik: Hebben die jongens/meisjes geen wekker dan?
Hij: Jawel, maar die rekenen op mij omdat ik de enige ben die er ook echt uit komt.
Ik verslik me bijna in mijn pistolet met kaas maar ik hou toch maar wijselijk mijn mond.

Hij: Zoudt ge nog even twee smoskes (= broodje gezond) willen bestellen bij de bakker. Ik ga ze binnen een kwartier afhalen.
Pffff … het is wel duidelijk dat hij op zijn werk gewend is de bevelen uit te delen. Maar goed, ik ben een zotte moeder dus ik bestel twee smoskes.

Dan komt eindelijk het moment dat hij eens gaat vertrekken. Dacht ik toch.

Twee minuten later staat hij terug aan de deur: energiedrank en repen vergeten! En of we nog een banaan hebben. Ik geef hem het gevraagde en vraag of hij nu écht weg is. Dat bevestigt hij, en het is een mountainbiketoer van 43 kilometer, die zie ik de eerste paar uren niet terug.