Fietsbieb

Vanaf dit voorjaar start onze gemeente met De Fietsbieb. De Fietsbieb is een uitleenpunt van tweedehands kinderfietsen voor drie- tot twaalfjarigen. Zodra een fiets te klein wordt, kan hij gewoon ingeruild worden tegen een groter exemplaar. De Fietsbieb wordt gerund door vrijwilligers die de fietsen helemaal in orde brengen zodat de kinderen veilig de baan op kunnen.

Ik vind het een fantastisch initiatief, dat trouwens in veel gemeenten al langer bestaat. Als ik eens tel hoeveel kinderfietsen/steps onze Kleine Man al gehad heeft, dan ben ik bijna beschaamd.

Een loopfiets voor binnen
Een loopfiets voor buiten
Een degelijker loopfiets voor buiten
Een eerste fiets met zijwieltjes
Een kleine step
Een maatje groter met zijwieltjes
Een BMX voor in het bos
Een grotere step
Nog een maatje grotere fiets zonder zijwieltjes.

En het kind is amper vier jaar!

Gelukkig heeft hij een neefje die een paar jaar ouder is en zitten er wel een paar afdankertjes tussen, maar als je voor een beperkt jaarlijks lidgeld (20 euro) telkens je fiets kan wisselen als je eruit gegroeid bent, dan vind ik dat een goede zaak.

Of zoonlief en schoondochter er ook gebruik van zullen maken? We zullen het zien. Zoonlief heeft zelf ook wel een viertal fietsen in zijn garage staan. Allemaal erfelijk belast: manlief heeft hier ook vier fietsen staan.

Wij gaan ons in ieder geval wel aansluiten. Zo heeft Kleine Man bij ons ook een fiets want ook hier is er sprake van erfelijke belasting…

Kermis

Het was kermis in ons dorp afgelopen weekend.

Zondag was Kleine Man bij ons en we dachten hem een plezier te doen met naar de kermis te gaan.

De paardenmolen, daar wou hij niet op.

Eendjes vissen en ballen gooien wou hij wel. Voor het ‘cadeautje’ dat je krijgt als je wat punten bij elkaar gesprokkeld hebt.

En hij wou ook in het spookhuis. Met opa. Ze waren sneller terug buiten (langs de ingang) dan dat ze binnen waren. Het was te eng.

Tien minuten nadat we aangekomen waren was ons rondje kermis voorbij want het kind was helemaal overprikkeld. Het werd dus een heel goedkope middag.

Hij wou in eerste instantie zelfs geen ijsje meer gaan eten maar dat was buiten oma en opa gerekend want die hadden wel zin in een ijsje. En gelukkig hij ook zodra hij van het kermisgewoel weg was.

Kermis gaan we dus niet meer doen. Op dat vlak is hij een kind van zijn vader. Die vond dat vroeger ook maar niks. Veel te veel lawaai.

Opa to the rescue

Onze Kleine Man heeft al een hele tijd op woensdagmiddag zwemles. Hij is, net zoals zijn papa en zijn opa, een echte waterrat.

Tot enkele weken geleden. Hij wou niet naar de zwemles “want dat is saai“. Hij moet echter leren zwemmen want hij is een gevaar voor zichzelf. Als hij water ziet, dan springt hij erin.

Aangezien opa zijn dikste vriend is, opperde die het idee om na de zwemles van juf Robin samen met Kleine Man nog wat te oefenen/spelen in het zwembad.

En dat werkt(e). Het kind gaat weer met plezier naar de zwemles en heeft inmiddels al verscheidene Fred brevetten te pakken.

Gisteren zou hij na de zwemles bij zijn nichtje gaan spelen. Tot we een berichtje kregen van schoondochter: “Wannes zou Xante graag inruilen voor opa in het zwembad als dat voor jullie nog gaat”.

Dat was maar een woord.

Ik weet niet wie van de twee er dan het hardst geniet …

92

Mijn moeder zou vandaag 92 worden.

Gek doen met de kleinkinderen was, geloof ik, een van haar favoriete bezigheden.

Deze olijke foto kwam ik tegen in de IG stories van mijn neefje. Ze zal toen tachtig geweest zijn.

Moeke, wat zou ik toch graag nog eens met je willen praten. 😪

Charmeur

Gisteren gingen we Kleine Man van school halen.

Thuis aangekomen zei hij dat hij gedroomd had vannacht. ‘Dat ik bij jullie thuis was en dat oma pannenkoeken ging bakken, want die vind ik super lekker’.

Ja, kleine charmeur, oma had het begrepen en ging als de weerlicht pannenkoeken bakken. Onderstaand bordje hangt niet voor niks aan onze poort.

Zo is dat

Kleuters van tegenwoordig

Kleine Man, vier jaar, is zot van filmpjes kijken. Als we hem op dinsdag van school gehaald hebben is hij moe en wil hij graag even chillen in de zetel met de tablet, iets om te drinken en een koek of een boterham.

Zo ook vorige dinsdag.

Opa gaf hem de tablet en klikte op de shortcut voor Ketnet Junior. Niet wat meneertje wou. Hij wou de rode pijl.

De rode pijl? Wat bedoelde hij daar nu weer mee?

~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~

Zaterdag komt hij binnen met ‘zijn’ tablet (een oude van zijn papa).

Hij zet hem aan en zegt:
Kijk opa, dit is de app van de rode pijl (*).
Die moet je op jouw tablet zetten.

(*) Youtube Kids

Opa zijn tablet is al wat ouder, is heel traag en heeft onvoldoende geheugen om de app te installeren. Zelfs met andere apps te verwijderen lukt het hem met geen mogelijkheid. De tablet moet teruggezet worden naar fabrieksinstellingen en dan kunnen er weer enkele apps op geïnstalleerd worden.

Opa was al wel langer van plan om eens een nieuwe tablet te kopen voor zichzelf, maar nu kan het niet snel genoeg gaan. Zaterdagavond online besteld, op zondag afgehaald.

De oude tablet werd teruggezet naar fabrieksinstellingen en is inmiddels gebruiksklaar voor Kleine Man. Mét Youtube Kids en Ketnet Junior.

Et voilà …

Schatten op zolder

Met het rommelen tussen oude foto-albums vond ik nog twee CD-roms met oude foto’s die mijn schoonbroer ingescand had na het overlijden van mijn schoonouders in 1998.

Pareltjes, wat ik u zeg!

Schoonmama en schoonpapa, anno 1938, op wandel in de stad.
Aan alles zie je dat dit mensen zijn uit de stad. Schoonmama had een bontkraag en bonten manchetten aan haar jas, en zij droeg dunne (zijden? of nylon?) kousen. Mijn eigen moeder had voor haar trouwdag nooit iets anders gedragen dan zelf gebreide wollen kousen. En zij was een halve generatie jonger.

Mijn schoonmama was een zeer modebewuste vrouw. Voor haar huwelijk werkte ze in een naaiatelier waar ze zich bekwaamd had in het fijne werk: steentjes en pailletjes naaien op avondjurken. Ze is heel haar verdere leven blijven naaien. Ze heeft trouwens ook mijn trouwkleed genaaid … zonder steentjes of pailletjes.

Mijn knappe schoonmama in haar jonge jaren. Zij was half Joods.
Tot op hoge leeftijd vertoonden haar ravenzwarte haren geen enkel streepje grijs.

Zomer 1959, 44 jaar oud en hoogzwanger van haar vijfde kind, negentien jaar na haar eerste.

Voorjaar 1960. Altijd even elegant.

Positief

Positief is eerder negatief in dit geval.

Manlief liep al een week met een zware verkoudheid. Ik had hem al gezegd van een sneltest te doen, maar hij vond het niet nodig want hij had geen koorts, was niet moe, voelde zich niet ziek en had met niemand contact gehad.

Donderdag moest hij voor iets anders bij de huisarts zijn en die vond het nodig om een PCR-test te doen. Vanmorgen stond het resultaat rood op wit in zijn Cozo-app. ‘DETECTED‘.

Waarop ikzelf – ook al een paar dagen een ‘valling’ – een sneltest deed. Die gelukkig negatief was, maar ik weet nu waaraan ik me eventueel nog wel kan verwachten.

Gelukkig is hij er niet ziek van, maar vervelend is het wel. Vooral voor hem dan want hij moet zeven dagen in isolatie. En ook vervelend dat afspraken die al een jaar geleden gemaakt zijn, zoals onze jaarlijkse controles bij de oogarts en de cardioloog, moeten verplaatst worden. Die mensen hebben het allemaal zó druk.

En voor dinsdag had ik ein-de-lijk een tafeltje kunnen bemachtigen bij Hof van Leysen, het gastronomisch didactisch restaurant van PIVA. Het heeft niet mogen zijn. Ik probeer het volgend schooljaar nog eens …

Boerenbruiloft

Trouwfeesten ‘op den boerenbuiten’ in de na-oorlogse jaren, dat waren nog eens echte boerenbruiloften. Vaak werd de koestal met zand geëffend, er werd een houten vloer in gelegd en de boer slachtte een vet varken. (dixit dorpsgenoot Karel Van den Bergh in zijn memoires).

Zo niet bij het bruiloftsmaal van mijn ouders. Na de burgerlijke en kerkelijke plechtigheid volgde er een meergangen bruiloftsmaal dat de hele middag en avond in beslag nam. Soms werd er zelfs twee dagen na elkaar gefeest want niet alleen de naaste familie werd uitgenodigd, maar ook tantes, nonkels, neven, nichten en alle buren. En aangezien de meeste gezinnen bestonden uit vader, moeder en een hele nest kinderen …

Ik heb het uiteraard niet zelf meegemaakt, maar ik heb wel het fotoalbum van mijn ouders hun huwelijk. Bij hen werd het feestmaal geserveerd in het woonhuis van de boerderij van mijn grootouders langs moeders zijde. Lange tafels werden in de huiskamer en de zondagse kamer gezet en het zondags servies en bestek werd uitgehaald.

Geen koestal en geen vet varken hier. Wel andere lekkere dingen.

Kijk maar even mee … 30 september 1953.

(*) Kruisstraatse Kraaiers = kip. De boerderij van mijn grootouders bevond zich in de Kruisstraat. Vandaar waarschijnlijk de naam van het gerecht.

Traiteurs waren er in die tijd nog niet. Wel een kokkin die aan huis kwam koken en de hulp kreeg van een hele sliert vrouwen uit de buurt. Ik herken vier zussen van mijn moeder en een paar goede vriendinnen/buurmeisjes met wie ze de rest van haar leven bevriend is gebleven.

De kookploeg

Het waren andere tijden …