Zes weken vakantie – 6

Exact vijf weken nadat we thuis de sleutel omdraaiden om naar Spanje te vertrekken, draaiden we weer een sleutel om: die van onze vakantiewoning.

De dagen voordien hebben we gewikt en gewogen … langs welke weg zouden we eens naar huis rijden? Dezelfde route die we in de heenreis gereden hadden langs de Spaanse costa’s en de Autoroute du Soleil of via Zaragoza, Baskenland en Bordeaux naar het noorden.

Kiezen is altijd een beetje verliezen.

Ik ben iemand die nieuwe dingen wil zien en beleven. Zaragoza kennen we niet en voor wat ik erover gele zen had leek het me wel de moeite. Donostia-San Sebastián zijn we wel al geweest, maar ik had daar nog eens graag een txikiteo gedaan en dan nog een dag rondlopen in Bordeaux vond ik ook geen straf.

En toch … ik kon de zon en de sfeer van de Middellandse Zee nog niet achterlaten. Aangezien de weersvoorspellingen voor het noorden van Spanje miserabel waren, opperde ik ‘zullen we langs dezelfde weg terug rijden en twee nachten Barcelona doen’? Manlief, toegeeflijk als hij is, was direct akkoord. Het was nog wel een gedoe want de bevestiging van de hotelreservatie vermeldde in vette letters dat je auto geautoriseerd moet zijn om in de stad te mogen rijden. Een soort milieuvignet zoals in grote steden in Duitsland en Frankrijk. Gelukkig kon ik dat online regelen – todo en español – en zaterdagavond kregen we op de valreep de bevestiging dat onze auto goedgekeurd was.

Wat een heerlijke stad is het toch. Het was onze derde keer maar Barcelona verveelt nooit. Deze keer hebben we niets bezocht omdat we alles daar al minstens één keer bezocht hebben. Ons fijne hotel lag midden in de Barri Gòtic en dus heel centraal.

We hebben veel gelopen, d eerste (halve) dag 6 kilometer, op dag twee maar liefst 14 kilometer. Met tussenstops op terrasjes uiteraard. Heel raar, maar in een stad kan ik blijven gaan en word ik totaal niet moe. Laat mij 5 km stappen op de heide en ik ben kapot. Dat is voor mij gewoon te eentonig.

Ik had ook nog graag Lyon bezocht maar manlief wou liever al wat verder doorrijden zodat we Lyon voorbij zouden vóór onze volgende overnachting. Dus werd het Bourg-en-Bresse.

Tot net voor Lyon hebben we mooi weer gehad en toen kwamen we plots in de herfstkleuren terecht. Gelukkig is het droog gebleven tot we aan het hotel waren. Maar koud!! En eens we goed en wel ingecheckt waren regende het pijpenstelen. Al goed dat ik maar één nacht geboekt had in het (niet-zo-goede) hotel want veel zouden we er toch niet aan gehad hebben om daar nog rond te struinen.

Woensdag 3 november stonden de koppen echt naar huis. Als het dan toch moet, dan kan het niet snel genoeg gaan. We hebben nog wel genoten van de mooie rit op de A39 ‘Autoroute Verte’, het stuk tussen Bourg-en-Bresse en Dijon.

Bergachtig en 140 kilometer aan een stuk alleen maar bossen langs de weg, nu in mooie herfstkleuren. En in de verte de Alpen met de besneeuwde toppen. Geen spijt van die kleine omweg en gelukkig was het tot in Luxemburg droog.

Negen uur zijn we vertrokken in Bourg-en-Bresse en om vijf uur hadden we de 750 km achter de rug.

En nu nieuwe plannen maken.

Maar eerst nog die vervelende operatie …

Zes weken vakantie – 5

De twee dagen met lagere temperaturen van vorige week waren heel snel vergeten.

Zondagmorgen toen we naar de plaatselijke markt wandelden brandde de zon alweer in al haar hevigheid. Het is een grote markt, maar wij deden alleen het groente- en fruitgedeelte. Zoveel kleuren en geuren waar je heel blij van wordt. En overal mag je van alles proeven. Als je aan elke kraam proeft van wat er ligt, ik verzeker u, dan moet je niet meer eten ’s middags!

We zijn ook nog eens terug naar Villajoyosa (La Vila Joiosa in het Valenciaans) geweest. Oorspronkelijk was La Vila Joiosa een vissersdorp en het is bekend om zijn veelkleurige smalle vissershuisjes aan de strandboulevard. Waarom zijn de huizen gekleurd? Aangezien de muren niet van steen waren maar bloot werden gelaten, werden ze in felle kleuren geschilderd met de verf die overbleef na het schilderen van de boten. En het was meteen ook praktisch voor de vissers want vanaf de zee konden ze precies zien waar zij heen moesten om naar het thuisfront te gaan. Dat is tenminste het verhaal dat ik las op diverse websites.
Het historisch centrum van La Vila Joiosa heeft van die typische smalle straatjes en verder een gezellige boulevard en een heerlijk breed strand.

En op de terugweg naar onze tijdelijke thuis werden we nog op een mooie zonsondergang getrakteerd.

En dat was zo ongeveer het einde van het echt stralende weer. Meer wolken en gevoelig lagere termperaturen (al klaag ik niet over 22/23 graden eind oktober). Gisteren heeft het zelfs een paar uren écht geregend. Alsof het weer ons zei ‘het wordt tijd dat ge eens vertrekt hier’.

Veel hebben we dan ook niet meer gedaan. We zijn een paar uren gaan shoppen in La Zenia Boulevard, Wijnegem Shopping Center in het groot zeg maar. Een paar mooie pulls gescoord, dus ik kan er tegen voor de winter.

Onze vrienden zijn nog eens langs geweest. Zij zouden normaal gezien tot 20 november blijven maar … ze zijn niet gevaccineerd en toen ze hoorden dat we in België vanaf nu voor van alles en nog wat een coronapas moeten hebben, besloten ze heel snel om hun tickets om te boeken en tot net voor de feestdagen te blijven. Met een eigen huis hier is dat gemakkelijk.
Corona lijkt hier heel ver weg!

Verder hebben we nog wat gerelaxt op onze en andere terrassen. Met een hapje en een wijntje. Gewoon gezellig. Uitbollen, noemen ze dat.
En manlief zwom nog iedere dag zijn (+)2000 meter.

Playa La Caleta, Cabo Roig

En terwijl u dit leest zijn wij onderweg terug naar België.

Snik! 😢 Ik had ook nog wel wat willen blijven.

Welke route we uiteindelijk gekozen hebben? U leest het zondag in de laatste aflevering van mijn reisverslag.

Zes weken vakantie – 4

Mijn vorig weekoverzicht stond nog maar pas online toen het begon te druppelen. Regendruppels, jawel. Gelukkig duurde het niet lang.

Toch is ook hier in het zuiden de herfst ingetreden. Niet wat betreft de temperatuur. Die is nog altijd zeer aangenaam, zo’n 24 tot 27 graden, met donderdag een uitschieter naar 31 graden! (*) We eten nog drie keer per dag buiten (*) en manlief gaat nog dagelijks voor dag en dauw een uur zwemmen. Met maanlicht en tot de zon opkomt.

(*) Dat schreef ik donderdagavond want vrijdag stonden we op met een (letterlijk) bangelijk onweer, veel regen en een temperature drop naar 21 graden. Drie keer per dag buiten eten lijkt vanaf nu dan ook verleden tijd.

Op de stranden lijkt de zomer wel voorbij. Een aantal chiringuitos zijn dicht, de ligbedden zijn weggehaald. We weten dat, dat was ook tijdens onze vorige verblijven aan de Costa Blanca in de maand oktober het geval. Eens de nationale feestdag voorbij (12 oktober) lijkt ook de zomer voorbij voor de Spanjaarden.

Het fruit aan de struiken begint mooi kleur te krijgen en tegen de tijd dat we hier vertrekken, over een week, zullen alle citrusvruchten meer kleur vertonen.

We hebben het enorm getroffen met ons rustig appartement. Geen buren, noch links, noch rechts, noch beneden ons. Boven ons zou moeilijk zijn want daar is ons dakterras. Maar er is – voor mij dan – ook een nadeel aan deze locatie. Het is ver overal vandaan en er is weinig bijzonders te zien in deze contreien. Ik wil verkennen en ontdekken, ik heb echt geen zittend gat. De steden Lorca en Albacete zijn niet zover hier vandaan, maar daar is blijkbaar geen hol te zien. Dat gaan we dus niet doen.

In 2019 zaten we aan de Costa del Sol, vlakbij Málaga, Marbella, Estepona en niet al te ver van Córdoba waar we toen drie dagen geweest zijn.
Het jaar voordien hadden we een huis in Moraira en het jaar daarvoor in Dénia. Allebei zeer gunstig gelegen ten opzichte van Valencia en leuke kustplaatsen zoals Jávea, Altea, Benissa, Villajoyosa, … Toen zijn we ook drie dagen naar Toledo geweest.
De gezellige stadjes, die mis ik hier wel.

Toch houden we ons wel bezig hoor.

We hebben gewandeld aan de Salinas van Santa Pola, een stuk over het strand en op de terugweg vlak naast de immense zoutbergen. We hebben ook in de verte flamingo’s gezien op de lagune. Op zo’n moment heb ik dan wel spijt dat ik mijn camera niet bij heb. En een verrekijker.

Nadien zijn we naar Elche gereden. Elche is bekend om zijn enorme palmboombossen, het merendeel dadelpalmen. Er zouden tussen de 200.000 en de 300.000 palmbomen staan, verspreid over talloze boomgaarden. De Palmeral de Elche werd in 2000 uitgeroepen tot UNESCO Werelderfgoed.
Gezien mijn liefde voor palmbomen hebben we enkele van deze perfect onderhouden horta’s bezocht. De mooie Huerto del Cura hadden we vijf jaar geleden reeds bezocht. Ook hebben we weer super lekker geluncht aan een belahelijk lage prijs.

We zijn ook een dag naar Cartagena geweest. Cartagena is een leuke havenstad, en er lag toevallig een gigantisch cruiseschip aan de kade: de Aida Perla. Ik ben het eens gaan opzoeken want in Antwerpen liggen er ook wel eens cruiseschepen aan de kade maar zo’n gevaarte had ik nog nooit gezien. Het schip is 300 meter lang, 37 meter breed, en heeft een capaciteit van 3.400 passagiers en 900 bemanningsleden. Het leek van veraf eerder op een groot flatgebouw dan op een schip!
Cartagena dan. Heel de stad leek wel onder renovatie. Het Teatro Romano, het Anfiteatro, enkele mooie casas in de stad. Gelukkig bleef er nog wel wat over om foto’s van te maken (zie slideshow).

We hebben onze stadswandeling gedaan maar waren er al rond de middag terug weg. Naar Puerto de Mazarrón, een gezellige jachthaven waar we wat gegeten hebben. De weg er naartoe was heel mooi: een bochtige smalle weg door de bergen met aan het einde een prachtig uitzicht op de blauwe zee.

Niet zo ver van Mazarrón vind je ook de Erosiones de Bolnuevo (Gredas de Bolnuevo). Op de foto’s zag het er spectaculair uit: uitgesleten rotsen in grillige vormen. De realiteit liet ons twee grillig gevormde rotsen zien en dat was het. Het is een Natuurlijk Monument en je kan er dus niet in. Maar we hebben het gezien, en hebben ons dan maar naar de chiringuito op het strand begeven.

Zaterdag zijn we uit eten geweest met onze vrienden. De vriendin was jarig en dat hebben we goed gevierd. Eerst bij hen thuis geaperitiefd, nadien zeer lekker gegeten in een restaurantje aangeraden door mijn plaatselijke kinesiste. Waar kine al niet goed voor is!
Er kwam wel nog een spannend einde aan ons uitje. Bij de terugkeer van het restaurant botsten we op een rotonde op een controle van de policía local. Minstens 10 politieauto’s en evenveel agenten. Natuurlijk werden wij eruit gepikt voor een controle. ‘Documentos y permiso‘ klonk het nogal bars. Na het overhandigen van het gevraagde hebben we daar nog minstens een kwartier gestaan terwijl de agent rondjes rond de auto wandelde al tokkelend op zijn telefoon. Na nog enkele telefoongesprekken kregen we de papieren terug en zei hij ‘internet problems‘ … Duh!

We beginnen aan onze laatste week en waar ik in het begin nog twijfelde of ik het hier een maand zou uithouden heb ik nu al spijt dat we niet nog een extra maand geboekt hebben.

We gaan ook stilaan moeten beslissen langs welke weg we terug naar huis rijden. Ik heb wel zin om over Zaragoza en San Sebastián te rijden. San Sebastián zijn we al geweest maar Zaragoza lijkt me de moeite om te bezoeken. Maar ook Lyon spreekt me wel aan. Keuzestress!

U leest het te zijner tijd wel.

Zes weken vakantie – 3

Alweer een week voorbij. De tijd vliegt!

Zondagmorgen hebben we de fiets genomen en zijn we naar de markt hier in de buurt gefietst. Een mini ritje door de citrusvelden maar aangezien het hier overal vals plat is en ik al in geen jaren nog met een gewone fiets gereden heb, viel het toch tegen. Maar goed, de smaakvolle tomaten van Mazarrón en het zongerijpt fruit waren het dubbel en dik waard. Al vrees ik dat de fiets voor de rest van onze tijd hier in de garage zal blijven.

’s Avonds gastronomisch diner. Het was subliem. Zeer fijne keuken, mooie producten, met zorg opgemaakte borden, … Het verwonderde ons dan ook niet toen we hoorden dat er een Belgische chef aan het roer staat van Sunset Beach.
Vijf gangen plus amuses en koffie met friandises. En dat voor 40 euro. Zo’n menu kost in België het dubbele. Wij worden gelukkig van lekker eten en ik werd gelukkig van het feit dat ik, op de beetgare groenten en de friandises na, alles kon eten.

Diner (het oktober menu staat online)

Ik probeer ondertussen mijn mindset te veranderen. De negativiteit moet stoppen of ik ga er onderdoor. Gemakkelijker gezegd dan gedaan, maar maandag zijn we dan toch naar Murcia gereden en hebben we een dag door de stad gedwaald. Leuke zuiderse stad met veel mooie gebouwen (zie slideshow). En veel kerken uiteraard, want we zijn in Spanje. Het heeft me deugd gedaan.

Murcia is, net zoals zoveel andere Zuid-Spaanse steden, ooit gesticht door de Moren. Helaas is daarvan niet veel meer terug te vinden. Geen alcázar, geen moskee zoals in bv. Córdoba of Sevilla. Maar wel, zoals gezegd, nog veel mooie gebouwen en pleinen. En we hebben lekkere originele tapas gegeten in La Capital de la Gastronomía 2021.

Wat opvalt hier, zowel in de straten in Murcia als eigenlijk overal, is dat heel veel mensen – voornamelijk Spanjaarden – nog een mondmasker dragen. En dat in die warmte én in openlucht???

Dinsdag vroeg opgestaan – voor mijn doen toch – na enkele uren wakker liggen. Net op tijd voor een schitterende zonsopgang. We hebben er een ‘thuis’dag van gemaakt. Wasje gedraaid, met de stofzuiger rondgegaan, boodschappen gedaan en gerelaxed op ons dakterras. Het is, a propos, nog altijd stralend weer! Wel zijn de nachten al frisser en dat is ook te voelen aan het zwembadwater. Maar mijn man trekt nog moedig zijn banen vroeg in de morgen terwijl ik me nog eens omdraai.

Woensdag terug kine. Ik kreeg weer direct een reactie na de behandeling. Alles in en rond mijn mond begint dan hard te ‘werken’. Een heel onaangenaam gevoel dat zo’n dag of twee, drie blijft hangen. Niets aan te doen. Ik heb het thuis ook altijd.
Na de kine zijn we lekker gaan lunchen en nadien heb ik een veel te grote coupe ijs gegeten. Ik was er wat ongemakkelijk van. Eigen schuld…

Donderdagmorgen al op tijd op pad om te gaan wandelen in het Parc Natural de La Mata. Het is een mooi gebied, alleen jammer dat je niet tot aan de zoutmeren geraakt. Je zou erin mogen baden (drijven), maar we moeten eerst nog zien te vinden langs waar we erin kunnen.

’s Namiddags zijn we naar La Manga del Mar Menor gereden.
De regio Murcia ligt aan twee zeeën: de Middellandse Zee en de Mar Menor (kleine zee). Beide zeeën worden gescheiden door La Manga, een landtong van 22 kilometer lang en een kleine 100 meter breed op het smalste deel. Er loopt een brede weg in het midden (de Gran Vía de La Manga) met aan beide zijden grote hotels en appartementen, het ene naast het andere. Zowel de Mar Menor als de Middellandse Zee hebben overal prachtige zandstranden en hoewel het voor ons nog zomers aanvoelt was het er totaal uitgestorven. Met enige moeite vonden we een terras waar we wat gedronken hebben en een praatje met de ober leerde ons dat hier geen overwinteraars komen. Haast niet te geloven!
Een print screen van google maps om te verduidelijken hoe die Mar Menor eruit ziet.

Vrijdag was het licht bewolkt toen we opstonden. En fris. Maar 19 graden!
Wat gaan we eens doen vandaag? Alvast de strijk want die lag nog te wachten na de was van dinsdag. Boven op het dakterras was het toch wel lekker om die klus te klaren. Hij zijn deel, ik het mijne. Zo doen we dat thuis ook. Ik heb een moderne man. De zon prijkte alweer hoog aan de hemel nog voor de strijk gedaan was. Zo gaat dat in Spanje.

In de namiddag probeerden we bij de Salinas de Torrevieja te komen. Hoge bergen opgehoopt zout dat uit de zoutmeren gehaald wordt. Alles is omheind en we kwamen niet eens in de buurt om een foto te nemen. Achteraf las ik dat er een toeristentreintje rijdt en dat je aan het einde van de rit in het winkeltje zout kan kopen. Niet echt ons ding. Dat zout kopen we, mochten we dat willen, wel in de supermarkt.

’s Avonds aten we een kreeftenmenu in het restaurant waar we ook zondag gegeten hebben. Alweer een heerlijk menu, maar het prutsen aan zo’n beest doe ik toch liever thuis. En eerst genoten we nog van een schitterende zonsondergang.

Zaterdagmiddag zijn we nog eens naar Alicante geweest. Niet de meest interessante stad, maar wel fijn om er nog eens rond te lopen.

Dat was mijn/onze week.

Alle foto’s © MyriamC.

Tip …

… voor een trip in eigen land.

Jawel, voor zowel mijn Belgische als mijn Nederlandse lezers is dit een trip in eigen land. Ik leg het u uit.

Ik heb het over het Grenspark De Zoom – Kalmthoutse Heide, een 6.000 hectare groot natuurgebied op de grens van Nederland en België. De grens loopt dwars door het gebied.

Het einde van de zomer is de mooiste periode om de heide te bezoeken. De bodem kleurt dan helemaal paars met dop- en struikheide. Hierna een klein voorsmaakje. Het is nog maar het begin van de bloei … het mooiste moet nog komen.

Voor de wandelaars onder ons:
Je kan op de heide – officieel 3*-stiltegebied – eindeloos wandelen. De 27 bewegwijzerde wandelingen zijn tussen de 1,7 en de 24 kilometer lang en diverse wandelingen kunnen met elkaar verbonden worden. Om u een idee te geven: mijn zoon zijn langste wandeling in het gebied was om en bij de 40 kilometer, zonder het ‘park’ te verlaten.

Voorbeeld bewegwijzering

Voor de mountainbikers onder ons:
Recent is er ook een mountainbikeparcours aangelegd. Pittig en zeer technisch, aldus man- en zoonlief. Het bestaat uit vier slingerende singletracks (aangeduid met kleuren) die grotendeels in Nederland gelegen zijn. De tracks doorkruisen de grensoverschrijdende verbindingslus. Goed voor in totaal 70 kilometer mountainbikeplezier. Met een beetje geluk kom je Mathieu Van Der Poel hier tegen.

Dus, sportievelingen, je weet nu waar je moet zijn om de natuur te beleven!

En heb je nadien dorst of een hongertje, geen nood. Vlakbij de hoofdingang van de heide is er een taverne. Je kan zelfs blijven overnachten in het naastgelegen hotel ‘Jerom’.

En je mag ook altijd bij mij een koffietje komen drinken. Wel even vooraf verwittigen!

Mini vakantie 3

Frank, Bram, David, Frank, Peter … de weermannen waren unaniem vorige week maandag: het wordt mooi weer vanaf woensdag.

Tja, dan wordt er ten huize M&M een reisje gepland. En ondanks het feit dat Nederland donkerrood kleurde op de covid kaart, was dat toch weer onze bestemming. Want natuurlijk namen we onze fietsen mee!

Ik had nog best wat moeite om aan betaalbare logies te geraken zo midden tijdens de schoolvakanties van zowel België, Nederland als Duitsland. Maar … wie zoekt die vindt, en ook al was het hotel niet iets wat ik normaal zou boeken, ik waagde het erop en boekte in eerste instantie één nacht. We zouden wel zien …

Het was een ouder hotel, ‘eclectisch’ werd het genoemd in een review. Ik zou het eerder kitschering noemen en absoluut niet onze smaak, maar we werden hartelijk ontvangen, de kamer was ruim en kraaknet, het bed was prima, fijne badkamer, goede airco, espresso apparaat, mini frigo, afgesloten fietsenstallng, … en ’s morgens een heerlijk uitgebreid ontbijtbuffet. We hadden niks te klagen!

Vandaar dat we besloten om nog een nacht bij te boeken zodat we nog een extra fietstocht konden doen in de regio Zuid-Holland.

De eerste fietstocht was een rondje Spijkenisse -Hellevoetsluis – Rockanje – Brielle – Spijkenisse. Een rit met hindernissen want in Brielle klapte mijn achterband. En je zou nu denken, op stap met een man die dagelijks vele kilometers fietst, die heeft alles bij wat nodig is om een band te plakken. Niet dus! Wel als hij met zijn koersfiets of met zijn mountainbike weg is, maar met de stadsfiets met zijn madam op schok, dan laat meneer zijn reparatieset thuis. Nu ja, het had ook niet veel uitgehaald want zowel binnen- als buitenband vertoonden grote scheuren.

Panne!

We zijn verzekerd voor zulke calamiteiten, Europ Assistance gebeld dus. Ze zouden iemand sturen … Anderhalf uur later stonden we nog te wachten! Ondertussen was er al een vriendelijke buurtbewoner komen kijken wat we daar stonden te doen en, oh, die had nog wel een binnen- en een buitenband liggen van zijn vele fietsreizen doorheen Europa. Uiteindelijk kwam de pechdienst toch opdagen en binnen een mum van tijd hadden de heren mijn fietsje gerepareerd en konden we onze tocht verder zetten. 57 km gereden door heel mooi gebied, over mooie fietspaden en langs rustige wegen. Een fijne fietstocht.

De tweede fietstocht was er gelukkig eentje zonder hindernissen maar wel met heel veel wind. Die ging van de vestingstad Hellevoetsluis over de Haringvlietdam naar het eiland Goeree-Overflakkee. Dik 65 km met veel wind uit veranderlijke richtingen. Ik had de hele dag een bad hair day. Niet dat ik me daar iets van aantrek trouwens.

’s Avonds in het hotel tijdens het surfen kwam ik nog een mooie aanbieding tegen in Zaandam en aangezien we voor niemand thuis moeten zijn … gauw geboekt! Heel lang geleden dat we nog in de Zaanstreek waren. Ik wou de Zaanse Schans nog wel eens zien.

Het plan was om ‘onderweg’ van Spijkenisse naar Zaandam nog een dag te fietsen in de regio Den Haag.

Uiteindelijk hebben we ’s morgens beslist om direct naar Zaandam te rijden en daar de fietstocht in de Zaanstreek te doen en de regio Den Haag de volgende dag op weg terug naar huis.

Aldus geschiedde. De Zaanstreek, heel erg rustig, veel weilanden met ontelbare slootjes, plassen en bruggetjes. Zelfs aan de Zaanse Schans was het niet echt druk. De zon liet helaas vaak verstek gaan, maar het was gelukkig niet koud. Het was niet de mooiste fietstocht moet ik toegeven. Beetje veel van hetzelfde en daar hou ik niet van. Toch weer 56 km gefietst in de harde wind. De wind was trouwens een constante tijdens onze vier fietstochten.

Na een lekker diner in het hotelrestaurant (niet van onze gewoonte, maar gewoon te weinig tijd om een restaurant te zoeken) en, ondanks het comfortabele bed, een half slapeloze nacht checkten wij zaterdagmorgen al vroeg uit en zaten we al om 10 uur op onze fiets in Wassenaar om de (lange) fietstocht Wassenaar-Voorschoten-Leidschendam-Den Haag-Scheveningen-Katwijk-Wassenaar aan te vatten.

We hadden prachtig weer op deze laatste dag en hebben genoten van de rit langsheen de Landgoederenroute, maar vooral het schitterende duingebied tussen Scheveningen en Katwijk heeft mijn hart gestolen. Het deed me denken aan de mooie fietstocht die we jaren geleden maakten door de duinen op Texel. Maar liefst 72 km lang was de tocht, maar we hebben het op het gemakje gedaan. Lekker geluncht ’s middags en nog een paar keer in een strandtent wat gedronken.

Het was weer heel fijn om nog eens even weg te zijn en de gedachten te verzetten.

Ik voel wel dat mijn knieën erg te lijden hebben onder het fietsen, zeker met de harde wind die we altijd hadden. Wie denkt dat je met een e-bike geen kracht meer moet zetten, die is verkeerd!

Alle foto’s zijn aanklikbaar en © Myriam C.

Mini vakantie 2

Het was mooi weer zondag 18 juli en Frankrijk kleurde knalgroen op de covid kaart (toen we vertrokken althans) en aangezien dat toch al in de planning zat voor later deze zomer, zijn we alvast nú een weekje naar Bretagne geweest. Het is nog maar af te wachten wat het volgende maand weer zal zijn en hebben is hebben tenslotte. Zodoende boekte ik last minute second vijf nachten in Saint-Malo en twee in Chartres. Die laatste heb ik trouwens last minute second weer geannuleerd vanwege het weer dat plots omsloeg.

Er was nog een stukje Bretagne dat we nog niet eerder bezocht hadden: de streek Ille-et-Vilaine (Saint-Malo, Dinard, Cancale, Dinan, …).

We hadden onze fietsen mee … het begint er meer en meer op te lijken dat we niet meer zonder kunnen! Maar, zoals we al wisten van vorige fietsvakanties aan de Loire en in de Elzas: Frankrijk is geen fietsvriendelijk land (de Charente Maritime en de Landes niet te na gesproken). De voies vertes die er zijn lagen helaas niet in het stuk Bretagne waar wij waren. ‘Partager la route‘ dus, niet altijd even veilig als de auto’s aan 70 of zelfs 90 km/u naast je voorbij razen! En je hebt best wat conditie nodig in dat stukje Frankrijk want de dénivelés waren meestal niet van de poes. Zelfs met mijn e-bike was het flink trappen.

Het was niet alleen onze eerste keer in Saint-Malo, het was bovendien ook vijfendertig jaar geleden dat we nog in het hoogseizoen aan de Franse kust waren, en dat gaan we ook niet meer doen. Het hoogseizoen is ons veel te druk! In het oude stadsdeel van Saint-Malo- het ene restaurant naast het anders – was het ’s avonds overdruk, de terrassen volgepropt en de anderhalve meter regel (in Frankrijk hanteert men de één meter regel) was er blijkbaar onbekend. Er was wel mondmaskerplicht binnen de stadsmuren, maar er werd niet op gecontroleerd, dan weet je ’t dus wel.
Op dat vlak was het dan wel gemakkelijk dat we de fietsen bij hadden. Zo konden we wat minder centraal gelegen en rustiger restaurantjes bezoeken, wat we dan ook gedaan hebben. Ook ons hotel lag gelukkig niet in het drukke centrum.

We hebben veel gezien gedurende die week, veel plaatsen bezocht want strandliggen is niet aan ons besteed. Of tenminste niet aan mij besteed. Ik wil verkennen, ontdekken, beleven. Okee, een uurtje op het strand had ik wel aangekund want Saint-Malo heeft een prachtig lang en breed strand maar helaas zijn er nergens ligbedden te huur en op een handdoek ga ik niet zitten, daar ben ik te oud voor geworden (als in: ik geraak niet meer recht).

We zijn ook nog even de grens met Normandië overgestoken want ik wou nog eens naar de Mont Saint-Michel. Dat was niet zo’n slimme beslissing. Je kon er over de koppen lopen en ook hier weinig discipline, ondanks de mondmaskerplicht. We hielden het er dan ook heel snel voor bekeken. Gauw gauw wat foto’s genomen, een (gelukkig rustig) terrasje gedaan en terug weg. In plaats daarvan zijn we dan maar gaan shoppen bij een locale producteur. Onze voorraad cider, pommeau, poiré, blikken rillettes en foie gras is weer aangevuld.

Al bij al was het, ondanks de hitte en de drukte op sommige plaatsen, toch fijn om nog eens in la douce France te zijn.

Foto’s? Mais bien sûr!

Saint-Malo

Ook wel de piratenstad genoemd. De piraten werden beschouwd als de beschermers van de Franse koning. Ze kaapten vrachtschepen uit Engeland en Nederland. Een replica van een van de piratenschepen kan je bewonderen in de haven. 
Van de oorspronkelijke stad ‘Intra Muros’ is, buiten de stadswallen, niet veel meer overgebleven. Saint-Malo werd gedurende de tweede wereldoorlog zwaar gebombardeerd en nadien weer opgebouwd.
Tijdens een wandeling van 2 km over de stadswallen zie je aan de ene kant de smalle straten van de stad, aan de andere kant zijn er schitterende uitzichten over de stranden, de haven en de forten. Deze wandeling deden wij op onze laatste dag in Saint-Malo, deels in de regen.

Cancale

Een zware rit van 22 kilometer bracht ons met de fiets naar Cancale. We hadden de route langs de kustweg gekozen, de zwaarste route qua op en af bleek achteraf. Gelukkig was er daar wel een zuchtje wind dat wat hoognodige verkoeling bracht. De terugweg hebben we trouwens via een andere route gedaan, iets minder vermoeiend maar wel onder de brandende zon.
Hoewel Cancale zichzelf gedoopt heeft tot de parel van de Côte d’Emeraude, was er weinig dat me kon boeien. Cancale is vooral bekend om zijn oesters en schelpdieren. Ik had dus een heel blije echtgenoot.

Dinan

Een hele mooie pittoreske stad met nog authentieke 16de eeuwse vakwerkhuizen. En hele steile straten!! Vanaf de Église Saint-Sauveur tot aan de rivier Rance gaat het steil naar beneden. Zodanig steil dat ik de terugtocht niet meer wilde aanvatten en we als echte toeristen het toeristentreintje hebben genomen terug naar het stadscentrum. Mooi, dat wel!

Rothéneuf

Rothéneuf behoort tot Saint-Malo en hebben we dus met de fiets bezocht. Het heeft een mooi rustig strand en je kan er eindeloos wandelen over de granietrotsen.
Rothéneuf is vooral bekend om zijn Rochers Sculptés. Abbé Fouré, die altijd in het klooster had gewoond, besloot na zijn gedwongen pensionering in 1894 om aan een monumentaal werk te beginnen. Veertien jaar lang beeldhouwde hij meer dan driehonderd beelden op een reeks granieten rotsen met uitzicht op de zee.

Dinard

Dinard was een badstadje dat me wel kon bekoren. We zijn er naartoe gefietst, maar halverwege teruggekeerd omdat we een route nationale werden opgestuurd en dat vind ik met de fiets echt niet te doen. Er was zelfs geen zelfmoordstrookje langs de baan.
Dinard heeft een gezellige sfeer, een leuk strand in 1900’s stijl en een fijn wandelpad op de rotsen langs de zee met zicht op de villa’s in belle époque stijl.

Mont Saint-Michel

Druk, druk, druk en toeristisch, toeristisch, toeristisch. Need I say more?

Rennes

Hoewel Rennes de hoofdstad is van Bretagne vond ik de stad wat tegenvallen. We hebben de stadswandeling van het Office de Tourisme gewandeld maar er is eerlijk gezegd niet heel veel van blijven hangen.
Wat ik mij nog het beste herinner is de uitstekende lunch die we daar genoten hebben op een klein straatterras van een verkeersvrij straatje: clafoutis de tomates au saumon fumé + dos de cabillaud avec petits légumes + café. Voor 13 euro, aan een tafel met stoffen tafelkleed en stoffen servetten. De fles wijn was bijna net zo duur als ons eten.

Cap Fréhel

Je vindt ze overal in Bretagne, de met wilde bloemen begroeide caps. Tijdens eerdere vakanties bezochten we al Pointe du Raz, Pointe du Van en Cap du Pen-Hir. Nu wandelden we tussen de bloemen op Cap Fréhel met zicht op de zee en de rotsen van leisteen en roze zandsteen. Prachtig!

Onderweg

En ook onderweg genoten we van de vergezichten, zelfs van de dreigende wolkenluchten op weg terug naar België.

Fotoverslag

Fotoverslagje van onze mooie fietstocht van gisteren tussen de Westerschelde en de Oosterschelde, van Hansweert over Kruiningen, Yerseke, Wemeldinge, Kapelle en Biezelinge.

Het was een heerlijke fietstocht (54 km), voor 90% verkeersvrij op dijken langs de Schelde, en op rustige landwegen langs zonnebloemvelden en kleine strandjes. Ik weet wel waarom wij zo graag in Nederland fietsen!

’s Middags genoten van een super lekkere lunch bij Oesterput 14, met zicht op de oesterputten en de Oosterschelde. Maar vooral heel lekker gegeten. Dat hoort erbij!

En omdat we nooit genoeg kunnen krijgen van de zee zijn we na de fietstocht afgezakt naar ‘ons’ Zoutelande voor een wandeling over de dijk en een hapje en een drankje in een strandtent terwijl we genoten van de gulle zonnestralen.

Wat een heerlijke dag!