Zes weken vakantie – 2

Het is nu zondag 10 oktober en inmiddels zitten we al tien dagen in een mooie en rustig gelegen penthouse aan de Costa Cálida, de zuidelijke Costa Blanca. Er zijn weinig appartementen bewoond in ons complex en er heerst absolute stilte, zowel overdag als ’s nachts. We hebben hier alles wat we nodig hebben: twee zwembaden, sauna, jacuzzi, gym, … Ook 2 slaapkamers, handig voor moesten we ruzie hebben 😉 en elk zijn eigen badkamer, wat ik heel gemakkelijk vind.

Het is hier geen mooie streek, noch qua landschap noch qua cultuur, maar dat wisten we op voorhand. We zijn hier in de buurt al eerder geweest. Het is de streek van de citrusvruchten, de eindeloze citroen- en appelsienplantages. Ook de zoutmeren liggen hier vlakbij.

We komen naar hier omwille van het micro-klimaat, om de zomer met een maand te verlengen, en dat lukt tot nu toe prima. Alle dagen hebben we zo’n 26 tot 28 graden met nu en dan een wolk. ’s Avonds, als we om 10 uur van het restaurant terugkomen of op ons terras zitten, is het nog 23 graden. En dat is natuurlijk heerlijk.

Ik moet wel zeggen dat het een tijdje geduurd heeft voor ik mijn draai hier gevonden had. Ik voel me niet 100% en dat heeft zijn weerslag op alles. Toen ik het appartement boekte in februari had ik er echt volop zin in. Ik voelde me toen ook goed. Maar ondertussen is, door alle complicaties en de tweede diagnose, mijn leven en mijn zin om te leven zo hard veranderd dat een mooi appartement op een fijne plek in de zon er nog nauwelijks iets toe doet, hoe graag ik het ook anders zou willen. Je neemt tenslotte altijd jezelf mee waar je ook gaat, met de pijnen en ongemakken. Ik kan dan ook nu nog niet zeggen of we de volledige maand hier gaan ‘uitdoen’. Mijn stemming verandert met de minuut. Ik ben gewoon heel labiel. Soms wil ik niets liever dan gewoon thuis in mijn eigen zetel zitten. Maar ook dat verandert niets aan de situatie.

Misschien keert het wel weer als we wat steden gaan bezoeken want dat zijn we zeker van plan, maar dan moet het iets minder warm zijn. Murcia en Cartagena liggen niet zó ver af. Of twee dagen Lorca of Albacete. Afwisseling en afleiding zijn het beste medicijn.

En op 20 oktober komen onze vienden aan. Zij hebben hier in de buurt een huis. Daar kijk ik wel naar uit, want het is lang geleden dat we hen nog gezien hebben. Corona, weet je wel …

Er staan hier ook twee degelijke fietsen maar fietsen zal iets zijn voor later deze maand als de temperatuur wat gezakt is.

Maandag heb ik een afspraak gemaakt met een fysio-praktijk voor lymfedrainage, want ook dat moet gewoon doorgaan. Zelfs een maand eens alles achter me laten is me niet gegund. Ik had vooraf goed mijn huiswerk gemaakt en een praktijk gevonden op een half uur rijden van hier die volgens dezelfde methode werkt als mijn kinesiste thuis en zoals voorgeschreven door mijn chirurg. Vrijdag kon ik terecht. Wat een verrassing dat ik gewoon mijn eigen taal kon spreken! De praktijk is van een Duits koppel en mijn therapeute was/is een Nederlandse dame. Eentje die weet waar ze mee bezig is.

Voor de rest hebben we hier nog niet zoveel gedaan. We brengen veel tijd door met lezen of woordpuzzelen op ons heerlijk dakterras, manlief zwemt en gaat in de sauna, we gaan eens een paar uurtjes naar het strand, wandelen wat over de boulevard, doen boodschappen en een terrasje, gaan uit eten of maken zelf een eenvoudige maaltijd, en ’s avonds kijken we TV Vlaanderen als we thuis zijn.

En we constateren nog maar eens dat het leven hier veel goedkoper is dan in België. Neem nu deze pastéis de nata hieronder: 0.34 euro per stuk. Bij mijn bakker thuis betaal ik 2 euro per stuk! Zelfs als ik er een koffie bij drink op het terras bij de bakker ben ik nog maar 1.54 euro kwijt.

Of wat dacht je van een 3-gangenlunch inclusief water, wijn en koffie voor 14 euro, mét zicht op zee. Je moet dan geen verfijnde keuken verwachten, maar zowel het rijstgerecht met groenten en bacalao als de tonijnsteak die we kregen waren best lekker!

Vanavond gaan we gastronomisch dineren. Vijf gangen voor 40 euro. Ben benieuwd …

Foto’s © MyriamC.

Zes weken vakantie – 1

Disclaimer: ik schrijf dit verslag in de eerste plaats voor mezelf. Iedereen mag meelezen maar hou er rekening mee dat het lang en gedetailleerd is. Ik heb dan wel geen chemo gehad maar ik heb wel een chemobrein en wil niet na 2 weken al alles vergeten zijn. Vandaar.

————————————————

Onze eerste week vakantie is al voorbij. Daarvan zijn we zes dagen onderweg geweest. Ondertussen zijn we ook al geacclimatiseerd in de penthouse die we gehuurd hebben in Guardamar del Segura (zuidelijke Costa Blanca). Alleen de omgeving moeten we nog even verkennen, maar daar hebben we nog tijd voor.

Hoe is dat nu verlopen, zo’n lange reis van 2.000 kilometer eer we op onze bestemming waren?

Eigenlijk niet veel anders dan andere autovakanties. Alleen waren de tussenstops korter en hadden we hier na 2.000 km een doel waar we wat langer verblijven dan normaal tijdens een rondreis met de auto.

Ik had vooraf twee B&B’s en een hotel geboekt voor onze tussenstops. Ik ben geen fan van B&B’s (heb liever de privacy van een klein hotel) maar als we een stad ‘doen’, dan wil ik ook IN de stad logeren en de hotels daar waren zodanig duur dat ik die knop in mijn hoofd maar snel heb omgedraaid. En met de corona vielen de B&B’s heel goed mee want we hadden geen contact met de andere gasten en hoefden niet te socializen.

Dag 1
Rit van thuis naar Dijon – 580 km
Al vóór 9 uur zaten we op zondagmorgen 26 september in de auto, gepakt en gezakt. We hebben zo’n grote auto en toch was het weer passen en meten om alles erin te krijgen. Er moest zelfs nog een koffer op de achterbank.

Waze stuurde ons langs Reims. Claire, onze GPS madam, dacht er anders over en wilde over Parijs. We hebben haar heel snel het zwijgen opgelegd. Waarom zouden we meer dan 100 kilometer gaan omrijden?

Het was rustig rijden en de rit verliep heel vlot. Het was natuurlijk ook zondag, dat scheelt. Heel afwisselend weer: veel grijs met hier en daar een buitje, af en toe wat blauw en zelfs een streepje zon. Terwijl ik aan het stuur zat keek manlief op zijn telefoon naar het WK wielrennen.

Om 15u stonden we al geparkeerd aan de B&B, maar we konden pas tussen 17 en 18u inchecken. We zijn dan maar de stad ingetrokken en hebben op een zonnig (23°) terras een lekker glas Viré-Clessé gedronken. We zitten tenslotte in de Bourgogne. Nadien naar het Office de Tourisme voor een stadsplan waarna we de bewegwijzerde stadswandeling gedaan hebben. Dijon is veel kleiner dan ik dacht en rond 18u hadden we de hele stad met zijn vele kerken doorkruist.

Ingecheckt in de wel zeer bijzondere B&B van Yuka. Het 18de eeuws gebouw ligt midden in het historisch centrum van Dijon. De eigenaars zijn een zeer apart Frans-Japans koppel. Alain – pianobouwer – is gepassioneerd door antiek en alle meubels in de gastenkamers zijn door hem eigenhandig gerestaureerd. Wij hadden de kamer Renaissance met antiek four poster bed. Eigenlijk was de kamer een samenraapsel van verschillende stijlen met veel te veel brocante prullaria naar onze goesting (wat een werk om dat proper te houden, en het wás proper) en niet echt onze smaak, maar ze was heel ruim – zo groot als onze living thuis – met een apart slaap- en zitgedeelte. Alles erop en eraan, super rustig, hedendaagse grote badkamer, heerlijk bed en goed te verduisteren door de rolluiken aan de ramen. Het ontbijt werd ’s morgens op het gevraagde uur door Yuka op de kamer gebracht. Normaal vinden we het niet prettig om op de kamer te eten, maar in dit geval hadden we eigenlijk een apart soort livinkje en dat was helemaal okee.

’s Avonds terug de stad in om te eten bij Le P’tit Bouchon waar ik een visje gegeten heb waar ik nog nooit van gehoord had: ‘perche rouge’. Een vis met de kleur van tonijn maar met een totaal andere smaak en structuur. Het visje was lekker maar van het restaurant had ik meer verwacht gezien de 4.5 sterren die ze kregen op Tripadvisor.

Ook al overal onze Covid pas moeten laten zien. Van mij mogen ze dat in België ook invoeren. Mondmaskers zijn hier ook nog verpicht bij binnen- en buitengaan en opstaan van je stoel, maar daar hebben we niet veel van gemerkt …

Dag 2
Het was de bedoeling om Dijon verder te verkennen, maar aangezien we overal al geweest waren hebben we de kans benut om de Route des Grands Crus de Bourgogne te rijden. We weten tenslotte niet of we hier ooit nog gaan komen (FOMO stak de kop weer op).

Wat een drukte op de wijngaarden! De vendange is volop bezig. Veel van die speciale smalle tractoren op de weg en busladingen seizoensarbeiders in de wijngaarden. Allemaal met een grote seau op de rug die, als hij helemaal vol is, tot 70 kilo kan wegen. Aldus het babbeltje dat ik maakte met de man die op een aanhanger de druiven in ontvangst nam.

De volledige route, van Dijon tot in Nolay, is 60km lang en doorkruist 37 dorpen. Het was prettig cruisen op de smalle D-wegen (zou ook te doen zijn met de fiets) en op zo’n momenten mis ik mijn cabrio wel. Wij zijn tot in Beaune gereden en hebben daar een stadswandeling gemaakt en het Hôtel Dieu (Musée Hospices de Beaune) bezocht. Vanwege covid waren er geen audiogidsen beschikbaar maar wel gedetailleerde brochures, zowaar ook in het Nederlands! Het prachtige gebouw deed vanaf de 15de eeuw tot in de de jaren ’80 van de 20ste eeuw dienst als hospitaal voor armen, ouderen, invaliden, wezen, zieken, zwangere vrouwen. Verzorging was gratis.

Een proeverij was er helaas niet bij tijdens onze rit langs de châteaux en wijndomeinen. Er waren er weinig open (wel voor vente maar niet voor dégustation – vanwege de drukke plukperiode???) en té gevaarlijk als je met de auto onderweg bent. Wel een lekkere Savigny-lès-Beaune 1er cru gedronken bij de lunch. De wijn was duurder dan de maaltijd, maar hij was het waard.

’s Avonds gegeten bij Le Pré aux Clercs (brasserie-keten van 3* chef Georges Blanc). Zoals verwacht zeer lekker en naar Belgische normen redelijk van prijs. Alleen de wijnen … top wijnen op de kaart tussen 200 en 500 euro per fles … Wij hebben het gehouden op een glas Mâcon-Azé bij onze saumon fumé en ‘Minute de Dorade’ van het menu ‘Image de saison’.

Dag 3
Rit van Dijon naar Pézenas – 540 km
Dinsdag na het ontbijt, stipt om 8u30 gebracht door Yuka, met de nodige buigingen (eens Japans, altijd Japans?), vertrokken we bij een temperatuur van 15 graden. Het was al een pak drukker op de baan en veel travaux. Maar eigenlijk viel het nog best mee voor een weekdag. Zelfs de tunneltjes in Lyon hebben we vlot kunnen rijden (périphérique fermé). Ik had nog wel thuis voor vertrek een badge voor de péage gekocht zodat we daar tenminste snel door konden en niet altijd onze creditcard moesten gaan zoeken. Het ding is ook geldig in Spanje, Portugal en Italië trouwens.

Hoe verder we vorderden in zuidelijke richting hoe warmer het werd. Het was 26 graden toen we om half vijf onze auto parkeerden bij de B&B in Pézenas. Zalig!

Hele mooie B&B, totaal andere stijl dan de vorige. Meer ons ding. Een groot huis, helemaal strak gerenoveerd, met privé parking voor de deur. Sympathieke dame die ons ontving, op blote voeten en met hun zoontje Marius van 3 op de arm. ‘Faites comme vous êtes chez vous’, zei ze.

Prachtige ruime kamer, in natuurlijke tinten, alles in de Zara Home stijl. Ik voelde me direct thuis. Terras, zwembadje in de tuin, en hoewel het niet verwarmd was, heeft manlief toch nog een plons genomen. Hij kan het echt niet laten. Als hij water ziet, dan moet hij erin!

Na de korte plons de ‘stad’ (ter grootte van een flink dorp) in getrokken, wijntje gedronken en restaurant uitgezocht. Het werd Chez Hansi waar we lekker buiten hebben gegeten. 3-gangen keuzemenu, karaf wijn, water, koffie voor 55 euro voor ons twee. Daar kunnen ze in België nog wat van leren.

Dag 4
’s Morgens stond de tafel al voor ons gedekt in de ontbijtruimte en in de koelkast vonden we alles wat we nodig hadden om de dag door te komen. ‘Faites comme vous êtes chez vous’ werd hier heel letterlijk genomen. Laure had ook lekkere koffie gezet en kwam ons een goeiemorgen wensen, met in haar kielzog de kleine Marius die honderduit babbelde.

Ontbijtruimte

De hele dag was een trip down memory lane. In de voormiddag hebben we Cap d’Agde nog eens bezocht en herinneringen opgehaald. We hebben in de jaren ’80 zo dikwijls onze vakantie doorgebracht in Cap d’Agde. Ik herkende er niks meer, behalve het blok met (Franse) toiletten aan de Plage de la Roquille.

Nadien zijn we doorgereden naar Béziers waar we vroeger ook vaak kwamen. Eerst lekker geluncht bij Tuto Mondo (14.50 euro voor een dagschotel met vier rouget filets, bisque en ratatouille. Heel lekker!
Daarna naar het Office de Tourisme waar de dame vroeg van welke région we kwamen. Toen ik zei dat we van Belgique kwamen vroeg ze of ik een brochure wou ‘en français ou en Vlaams‘. Straf.

Dag 5
Rit van Pézenas naar Tarragona – 390 km
Een korte rit. We waren al kort na de middag ter plaatse en konden direct in onze kamer. Wat een mooi hotel en wat een prachtige, luxe kamer! Ik kan daar zo blij van worden hoewel wij een hotelkamer uiteindelijk alleen gebruiken om te slapen en te douchen.

Ik had op voorhand gezegd dat ik de hele middag aan het zwembad ging relaxen. Mocht wel eens na alle sightseeing van de afgelopen vier dagen. Maar toen ik uit het raam van onze kamer keek en de opgravingen zag aan de overkant van de straat, en verderop enkele mooie kerktorens, veranderde ik heel snel van gedacht. Maar eerst even lunchen op het dakterras-met-plunge-pool. Het schitterende uitzicht op de zee en op de stad kregen we er gratis bij.

Ik vond Tarragona best een interessante stad met veel historische monumenten. Onze kamer keek uit op de ruïnes van het oude Tarraco uit de Romeinse tijd (UNESCO werelderfgoed). De ruïnes bestaan uit 14 aparte bouwwerken, die als één archeologische verzameling worden beschouwd. Andere bezienswaardigheden zijn de kathedraal, het amfitheater, het Romeins circus, het aquaduct, en nog zoveel meer. Eigenlijk was onze tijd hier wat te kort en het was heel erg warm zodat we om 18u een eind gebreid hebben aan onze stadswandeling en alsnog op het dakterras van ons hotel hebben gerelaxt tot de zon onder was.

Eten doen ze in Spanje pas vanaf 20 uur. We hadden dus nog even tijd om een restaurant uit te zoeken. Mét terras, want het was nog meer dan warm genoeg om buiten te zitten. Heerlijk gegeten voor geen geld. Een glas cava, een 3-gangen keuzemenu inclusief een halve liter huiswijn of water per persoon voor 19.90 euro. Ik heb tegen de garçon gezegd dat hij dringend zijn prijzen naar boven moest doen. Je vraagt je af hoe ze daar nog iets op kunnen verdienen (salade caprese, 2 flinke zeebaarsfilets met warme groenten, crema catalana).

Dag 6
Rit van Tarragona naar Guardamar del Segura – 460 km

Uitgeslapen tot bijna 9 uur. Ik had het nodig!
Na een uitgebreid ontbijt op weg voor onze laatste etappe. Er valt niet veel over te zeggen. We hebben niet eens gestopt onderweg om te eten. ’t Is te zeggen, we hebben wel gestopt maar we hebben niet gegeten, of toch niets fatsoenlijks, om de simpele reden dat er niks open was op de autostrade. In de benzinestations kon je terecht voor wat snoep, maar dat was het dan ook. Gelukkig had ik nog een paar potjes yoghurt van de dag ervoor.

En hier zijn we dan, in een spiksplinternieuwe penthouse die, ter info, niet van ons is. Hier blijven we de hele maand oktober. Dat is tenminste de bedoeling.

Oh ja, voor ik het vergeet, het is hier overdag zo’n 28 graden! 🌞

Mini vakantie 4

Breskens & Hoorn, een vreemde combi‘, schreef ik al in een vorig logje. Er is een verklaring voor.

Donderdag, toen we terug waren van het ziekenhuis, ben ik onmiddellijk op zoek gegaan naar logies voor het weekend. Ons plan was om enkele dagen in Zeeuws-Vlaanderen door te brengen, de grote omgeving van Breskens. Ik had een paar mooie B&B’s gevonden in Schoondijke en verder weg in Ijzendijke, maar enkele telefoontjes leerden me al heel snel dat we die regio wel konden vergeten. Er waren nog wel wat hotels beschikbaar, maar niet onze meug en tegen absurde prijzen.

Dan maar onze toevlucht genomen tot Van der Valk en gezien wat er daar nog beschikbaar was tegen een min of meer aannemelijke prijs en bij voorkeur aan het water. En dat werd Hoorn, West-Friesland.

Maar eerst Breskens dus want als ik iets in mijn kop heb … Vrijdag om half elf zaten we al aan de koffie in een strandtent. Eerst koffie is vaste prik als we gaan fietsen. Waarna we een prachtige fietstocht hebben gemaakt: de Zwinroute, heen door de polder (Breskens, Nieuwvliet Dorp, Cadzand Dorp, Retranchement) tot in Knokke waar we geluncht hebben bij Marie Siska. Vele jaren geleden gingen we daar ook wel eens een (hartjes)wafel eten. Dit was toch wel de laatste keer, echt vergane glorie en veel koude kak, zoals ze bij ons zeggen.

De terugtocht ging door de duinen (Cadzand, Nieuwvliet-Bad, Groede, Breskens). Prachtig zonnig weer, mooie rustige fietspaden, vooral in de heenrit nauwelijks andere fietsers – wel drukker eens we langs de kust reden. We hebben er in ieder geval erg van genoten.

Zaterdagmorgen zijn we onder een stralend blauwe hemel dik pak laaghangende bewolking en bij een temperatuur van 14 graden (brrrr) al vroeg noordwaarts vertrokken. Gelukkig klaarde het op naarmate we dichter bij onze bestemming kwamen.

Voor de eerste dag had ik een fietstocht gepland Schoorl-Bergen (Noord-Holland), dwars door de duinen. Een werkelijk prachtige rit met kilometers purp’ren heide en witte hoge duinen. Kronkelende fietspaden, omhoog en omlaag… zó mooi.

Over de eerste vijftien kilometer hebben we anderhalf uur gedaan. Ik kon niet stoppen met foto’s nemen!

Dit was met stip de mooiste rit van deze mini vakantie.

Op naar VdV in Hoorn!

Zondag hebben we een rondje Hoorn-Enkhuizen gefietst. Een afwisselende rit langs immense weilanden en prachtige boerderijen, veel sloten en plassen met vogels allerhande. Nu weet ik ook wat ‘gakkende’ ganzen zijn. Wat een oorverdovend lawaai maken die beesten. De terugweg ging over de dijk langs het IJsselmeer/Markermeer.

Nergens is de ‘hemel’ zo groot als in Friesland.

Panorama

Maar liefst 70 km hebben we gefietst. En dan ’s avonds nog over en weer naar het centrum om te eten. Ik was niet eens moe maar mijn achterwerk … Het was wel weer een mooie rit en onderweg kom je nog wel eens pareltjes tegen, zoals Theetuin De Libel in Andijk, alwaar we naast de vijver met kwakende kikkers en temidden van de heerlijke bloementuin genoten van verse drakenthee (hij) en koffie (ik).

Zowel Hoorn als Enkhuizen zijn gezellige steden met een rijke geschiedenis. Tijdens de Gouden Eeuw waren het twee welvarende havensteden, duidelijk te zien aan de monumentale gebouwen.

Voor maandag had ik weer een lange rit voorzien, door de Middenbeemster. Ja, daar waar die lekkere kaas vandaan komt. Mijn zitvlak dacht daar echter anders over en dankzij een tip van een mede-blogster /fietsster hebben we een korte doch zeer mooie rit gemaakt over de Bussumse / Gooise Heide. Ook hier weer bloeiende heide zover het oog reikte.

Hebben we genoten deze vier dagen? ’t Zal wel zijn!

Ugh 😟 …

Met het goede resultaat van mijn scan kan ik terug plannen maken op langere termijn. Het laatste half jaar durfde ik niet verder te kijken dan een week. Ik was er écht niet gerust in. Er zijn nog wel wat issues die opgelost moeten worden, maar het voornaamste is dat ik niet hervallen ben want de kans op recidive binnen het jaar is redelijk groot.

Als alles blijft zoals het is zullen wij de hele maand oktober aan de Spaanse zuidoostkust verblijven en daar kan ik me nu eindelijk op gaan verheugen.

Aangezien ik er niet op gebrand ben om in een vliegtuig te stappen (mondmasker van luchthaven tot luchthaven, toch al gauw zo’n vijf à zes uren), zijn we van plan om deze keer de 2.000 km met de auto af te leggen, weliswaar in vier etappes met telkens twee overnachtingen. We rijden graag en zo zien we onderweg ook nog iets. Al realiseer ik me wel dat het best een vermoeiende trip zal zijn. We zijn tenslotte geen twintig meer … toen reden we met onze Mini de 1.200 kilometer naar de Côte d’Azur in één keer in exact twaalf uren, pitstops inbegrepen. Mooie herinneringen!

Onze Mini op de Autoroute du Soleil

Om toch nog een plan B te hebben voor het geval we het tegen die tijd niet zien zitten om zo’n eind te rijden, was ik eens gaan kijken naar huurwagens want daar waar we verblijven kan je echt niet zonder auto. Nu ja, alles kan maar wij gaan graag eens dingen bezoeken die wat verder weg zijn.

In 2019 betaalden we voor twee keer een halve maand (is goedkoper dan één keer een hele maand, vraag me niet waarom) in totaal 128 euro.
Voor exact dezelfde wagen vraagt dezelfde maatschappij, op dezelfde locatie, tegen dezelfde condities en voor dezelfde periode nu maar liefst vijf keer zoveel. Ik dacht dat ik niet goed gelezen had! Bij andere autoverhuurders is het nog erger! Oké, we zijn nu twee jaar later maar zó erg is het – gelukkig – toch niet gesteld met de inflatie.

Een luxe probleem, ik weet het. Ik vraag me alleen af: waarom? Het toerisme zit al in het slop en aan die prijzen gaan ze niet veel wagens verhuren denk ik zo.

Ik denk dat we maar bij ons oorspronkelijk plan blijven en zelf gaan rijden. Komt natuurlijk nog een pak duurder uit door de overnachtingen onderweg, maar dat is ook vakantie tenslotte en ik weiger om zoveel geld uit te geven aan een huurwagentje.

Mini vakantie 3

Frank, Bram, David, Frank, Peter … de weermannen waren unaniem vorige week maandag: het wordt mooi weer vanaf woensdag.

Tja, dan wordt er ten huize M&M een reisje gepland. En ondanks het feit dat Nederland donkerrood kleurde op de covid kaart, was dat toch weer onze bestemming. Want natuurlijk namen we onze fietsen mee!

Ik had nog best wat moeite om aan betaalbare logies te geraken zo midden tijdens de schoolvakanties van zowel België, Nederland als Duitsland. Maar … wie zoekt die vindt, en ook al was het hotel niet iets wat ik normaal zou boeken, ik waagde het erop en boekte in eerste instantie één nacht. We zouden wel zien …

Het was een ouder hotel, ‘eclectisch’ werd het genoemd in een review. Ik zou het eerder kitschering noemen en absoluut niet onze smaak, maar we werden hartelijk ontvangen, de kamer was ruim en kraaknet, het bed was prima, fijne badkamer, goede airco, espresso apparaat, mini frigo, afgesloten fietsenstallng, … en ’s morgens een heerlijk uitgebreid ontbijtbuffet. We hadden niks te klagen!

Vandaar dat we besloten om nog een nacht bij te boeken zodat we nog een extra fietstocht konden doen in de regio Zuid-Holland.

De eerste fietstocht was een rondje Spijkenisse -Hellevoetsluis – Rockanje – Brielle – Spijkenisse. Een rit met hindernissen want in Brielle klapte mijn achterband. En je zou nu denken, op stap met een man die dagelijks vele kilometers fietst, die heeft alles bij wat nodig is om een band te plakken. Niet dus! Wel als hij met zijn koersfiets of met zijn mountainbike weg is, maar met de stadsfiets met zijn madam op schok, dan laat meneer zijn reparatieset thuis. Nu ja, het had ook niet veel uitgehaald want zowel binnen- als buitenband vertoonden grote scheuren.

Panne!

We zijn verzekerd voor zulke calamiteiten, Europ Assistance gebeld dus. Ze zouden iemand sturen … Anderhalf uur later stonden we nog te wachten! Ondertussen was er al een vriendelijke buurtbewoner komen kijken wat we daar stonden te doen en, oh, die had nog wel een binnen- en een buitenband liggen van zijn vele fietsreizen doorheen Europa. Uiteindelijk kwam de pechdienst toch opdagen en binnen een mum van tijd hadden de heren mijn fietsje gerepareerd en konden we onze tocht verder zetten. 57 km gereden door heel mooi gebied, over mooie fietspaden en langs rustige wegen. Een fijne fietstocht.

De tweede fietstocht was er gelukkig eentje zonder hindernissen maar wel met heel veel wind. Die ging van de vestingstad Hellevoetsluis over de Haringvlietdam naar het eiland Goeree-Overflakkee. Dik 65 km met veel wind uit veranderlijke richtingen. Ik had de hele dag een bad hair day. Niet dat ik me daar iets van aantrek trouwens.

’s Avonds in het hotel tijdens het surfen kwam ik nog een mooie aanbieding tegen in Zaandam en aangezien we voor niemand thuis moeten zijn … gauw geboekt! Heel lang geleden dat we nog in de Zaanstreek waren. Ik wou de Zaanse Schans nog wel eens zien.

Het plan was om ‘onderweg’ van Spijkenisse naar Zaandam nog een dag te fietsen in de regio Den Haag.

Uiteindelijk hebben we ’s morgens beslist om direct naar Zaandam te rijden en daar de fietstocht in de Zaanstreek te doen en de regio Den Haag de volgende dag op weg terug naar huis.

Aldus geschiedde. De Zaanstreek, heel erg rustig, veel weilanden met ontelbare slootjes, plassen en bruggetjes. Zelfs aan de Zaanse Schans was het niet echt druk. De zon liet helaas vaak verstek gaan, maar het was gelukkig niet koud. Het was niet de mooiste fietstocht moet ik toegeven. Beetje veel van hetzelfde en daar hou ik niet van. Toch weer 56 km gefietst in de harde wind. De wind was trouwens een constante tijdens onze vier fietstochten.

Na een lekker diner in het hotelrestaurant (niet van onze gewoonte, maar gewoon te weinig tijd om een restaurant te zoeken) en, ondanks het comfortabele bed, een half slapeloze nacht checkten wij zaterdagmorgen al vroeg uit en zaten we al om 10 uur op onze fiets in Wassenaar om de (lange) fietstocht Wassenaar-Voorschoten-Leidschendam-Den Haag-Scheveningen-Katwijk-Wassenaar aan te vatten.

We hadden prachtig weer op deze laatste dag en hebben genoten van de rit langsheen de Landgoederenroute, maar vooral het schitterende duingebied tussen Scheveningen en Katwijk heeft mijn hart gestolen. Het deed me denken aan de mooie fietstocht die we jaren geleden maakten door de duinen op Texel. Maar liefst 72 km lang was de tocht, maar we hebben het op het gemakje gedaan. Lekker geluncht ’s middags en nog een paar keer in een strandtent wat gedronken.

Het was weer heel fijn om nog eens even weg te zijn en de gedachten te verzetten.

Ik voel wel dat mijn knieën erg te lijden hebben onder het fietsen, zeker met de harde wind die we altijd hadden. Wie denkt dat je met een e-bike geen kracht meer moet zetten, die is verkeerd!

Alle foto’s zijn aanklikbaar en © Myriam C.

Mini vakantie 2

Het was mooi weer zondag 18 juli en Frankrijk kleurde knalgroen op de covid kaart (toen we vertrokken althans) en aangezien dat toch al in de planning zat voor later deze zomer, zijn we alvast nú een weekje naar Bretagne geweest. Het is nog maar af te wachten wat het volgende maand weer zal zijn en hebben is hebben tenslotte. Zodoende boekte ik last minute second vijf nachten in Saint-Malo en twee in Chartres. Die laatste heb ik trouwens last minute second weer geannuleerd vanwege het weer dat plots omsloeg.

Er was nog een stukje Bretagne dat we nog niet eerder bezocht hadden: de streek Ille-et-Vilaine (Saint-Malo, Dinard, Cancale, Dinan, …).

We hadden onze fietsen mee … het begint er meer en meer op te lijken dat we niet meer zonder kunnen! Maar, zoals we al wisten van vorige fietsvakanties aan de Loire en in de Elzas: Frankrijk is geen fietsvriendelijk land (de Charente Maritime en de Landes niet te na gesproken). De voies vertes die er zijn lagen helaas niet in het stuk Bretagne waar wij waren. ‘Partager la route‘ dus, niet altijd even veilig als de auto’s aan 70 of zelfs 90 km/u naast je voorbij razen! En je hebt best wat conditie nodig in dat stukje Frankrijk want de dénivelés waren meestal niet van de poes. Zelfs met mijn e-bike was het flink trappen.

Het was niet alleen onze eerste keer in Saint-Malo, het was bovendien ook vijfendertig jaar geleden dat we nog in het hoogseizoen aan de Franse kust waren, en dat gaan we ook niet meer doen. Het hoogseizoen is ons veel te druk! In het oude stadsdeel van Saint-Malo- het ene restaurant naast het anders – was het ’s avonds overdruk, de terrassen volgepropt en de anderhalve meter regel (in Frankrijk hanteert men de één meter regel) was er blijkbaar onbekend. Er was wel mondmaskerplicht binnen de stadsmuren, maar er werd niet op gecontroleerd, dan weet je ’t dus wel.
Op dat vlak was het dan wel gemakkelijk dat we de fietsen bij hadden. Zo konden we wat minder centraal gelegen en rustiger restaurantjes bezoeken, wat we dan ook gedaan hebben. Ook ons hotel lag gelukkig niet in het drukke centrum.

We hebben veel gezien gedurende die week, veel plaatsen bezocht want strandliggen is niet aan ons besteed. Of tenminste niet aan mij besteed. Ik wil verkennen, ontdekken, beleven. Okee, een uurtje op het strand had ik wel aangekund want Saint-Malo heeft een prachtig lang en breed strand maar helaas zijn er nergens ligbedden te huur en op een handdoek ga ik niet zitten, daar ben ik te oud voor geworden (als in: ik geraak niet meer recht).

We zijn ook nog even de grens met Normandië overgestoken want ik wou nog eens naar de Mont Saint-Michel. Dat was niet zo’n slimme beslissing. Je kon er over de koppen lopen en ook hier weinig discipline, ondanks de mondmaskerplicht. We hielden het er dan ook heel snel voor bekeken. Gauw gauw wat foto’s genomen, een (gelukkig rustig) terrasje gedaan en terug weg. In plaats daarvan zijn we dan maar gaan shoppen bij een locale producteur. Onze voorraad cider, pommeau, poiré, blikken rillettes en foie gras is weer aangevuld.

Al bij al was het, ondanks de hitte en de drukte op sommige plaatsen, toch fijn om nog eens in la douce France te zijn.

Foto’s? Mais bien sûr!

Saint-Malo

Ook wel de piratenstad genoemd. De piraten werden beschouwd als de beschermers van de Franse koning. Ze kaapten vrachtschepen uit Engeland en Nederland. Een replica van een van de piratenschepen kan je bewonderen in de haven. 
Van de oorspronkelijke stad ‘Intra Muros’ is, buiten de stadswallen, niet veel meer overgebleven. Saint-Malo werd gedurende de tweede wereldoorlog zwaar gebombardeerd en nadien weer opgebouwd.
Tijdens een wandeling van 2 km over de stadswallen zie je aan de ene kant de smalle straten van de stad, aan de andere kant zijn er schitterende uitzichten over de stranden, de haven en de forten. Deze wandeling deden wij op onze laatste dag in Saint-Malo, deels in de regen.

Cancale

Een zware rit van 22 kilometer bracht ons met de fiets naar Cancale. We hadden de route langs de kustweg gekozen, de zwaarste route qua op en af bleek achteraf. Gelukkig was er daar wel een zuchtje wind dat wat hoognodige verkoeling bracht. De terugweg hebben we trouwens via een andere route gedaan, iets minder vermoeiend maar wel onder de brandende zon.
Hoewel Cancale zichzelf gedoopt heeft tot de parel van de Côte d’Emeraude, was er weinig dat me kon boeien. Cancale is vooral bekend om zijn oesters en schelpdieren. Ik had dus een heel blije echtgenoot.

Dinan

Een hele mooie pittoreske stad met nog authentieke 16de eeuwse vakwerkhuizen. En hele steile straten!! Vanaf de Église Saint-Sauveur tot aan de rivier Rance gaat het steil naar beneden. Zodanig steil dat ik de terugtocht niet meer wilde aanvatten en we als echte toeristen het toeristentreintje hebben genomen terug naar het stadscentrum. Mooi, dat wel!

Rothéneuf

Rothéneuf behoort tot Saint-Malo en hebben we dus met de fiets bezocht. Het heeft een mooi rustig strand en je kan er eindeloos wandelen over de granietrotsen.
Rothéneuf is vooral bekend om zijn Rochers Sculptés. Abbé Fouré, die altijd in het klooster had gewoond, besloot na zijn gedwongen pensionering in 1894 om aan een monumentaal werk te beginnen. Veertien jaar lang beeldhouwde hij meer dan driehonderd beelden op een reeks granieten rotsen met uitzicht op de zee.

Dinard

Dinard was een badstadje dat me wel kon bekoren. We zijn er naartoe gefietst, maar halverwege teruggekeerd omdat we een route nationale werden opgestuurd en dat vind ik met de fiets echt niet te doen. Er was zelfs geen zelfmoordstrookje langs de baan.
Dinard heeft een gezellige sfeer, een leuk strand in 1900’s stijl en een fijn wandelpad op de rotsen langs de zee met zicht op de villa’s in belle époque stijl.

Mont Saint-Michel

Druk, druk, druk en toeristisch, toeristisch, toeristisch. Need I say more?

Rennes

Hoewel Rennes de hoofdstad is van Bretagne vond ik de stad wat tegenvallen. We hebben de stadswandeling van het Office de Tourisme gewandeld maar er is eerlijk gezegd niet heel veel van blijven hangen.
Wat ik mij nog het beste herinner is de uitstekende lunch die we daar genoten hebben op een klein straatterras van een verkeersvrij straatje: clafoutis de tomates au saumon fumé + dos de cabillaud avec petits légumes + café. Voor 13 euro, aan een tafel met stoffen tafelkleed en stoffen servetten. De fles wijn was bijna net zo duur als ons eten.

Cap Fréhel

Je vindt ze overal in Bretagne, de met wilde bloemen begroeide caps. Tijdens eerdere vakanties bezochten we al Pointe du Raz, Pointe du Van en Cap du Pen-Hir. Nu wandelden we tussen de bloemen op Cap Fréhel met zicht op de zee en de rotsen van leisteen en roze zandsteen. Prachtig!

Onderweg

En ook onderweg genoten we van de vergezichten, zelfs van de dreigende wolkenluchten op weg terug naar België.