Spoorfietsen

Zaterdag zijn we gaan spoorfietsen met zoon, schoondochter en Kleine Man.

Een goeie vijf kilometer fietsen door de bossen over een oude militaire spoorlijn op de grens van Kapellen en Brasschaat. We hadden een familie’fiets’, waarbij twee personen trappen en drie op het bankje achteraan zitten.

Spoorfietsen

Op zich een leuke activiteit, als je een goed onderhouden ‘fiets’ heb. Dat was de onze niet, hij wou niet echt mee. Volgens Manlief en zoon lag het aan de rollementen. Die twee hebben zich echt ongelooflijk in het zweet getrapt. Ze zijn allebei super sportief en goed getraind, dus dat was niet echt normaal.

Dat zagen ook de mensen van de grote groeps’fiets’ die achter ons reed. Die hebben op den duur hun fiets aan de onze gebonden en ons gewoon verder geduwd want onze mannen konden niet meer.

Zoonlief was om te ontploffen. En hij had gelijk hoor. Dit was echt niet plezant. Als je 40 euro betaalt voor zo’n activiteit, dan mag die fiets wel in orde zijn.

Halverwege de rit kom je bij Perron Noord waar je je fiets draait en waar je minstens een uur pauze neemt (alle fietsen moeten aangekomen zijn want je moet over hetzelfde spoor terug). Je kan iets verbruiken op het terras terwijl de kindjes in de speeltuin spelen, of je gaat eens kijken naar de activiteit op het tegenover gelegen vliegveldje dat ooit het oudste militaire vliegveld van België was en sinds 2006 de thuis is van de Koninklijke Aeroclub van Brasschaat.

Na een goed uur vertrekken de fietsen één na één terug langs dezelfde weg naar het vertrekpunt. Degene die eerst wil vertrekken neemt gewoon de fiets die eerst staat.

Zoonlief had al gezegd dat hij voor geen geld nog op diezelfde fiets stapte. Manlief idem.

Wij zaten nog aan ‘de drank’ toen we zagen dat onze fiets vertrok. Beetje bij beetje begon iedereen op te stappen en toen wij wilden vertrekken zagen we dat de laatste familiefiets weg was. Gewoon weg. Er is daar ook geen enkele controle.

Naar de organisatie gebeld met de vraag hoe wij weer in Kapellen geraakten want geen haar op mijn hoofd dat eraan dacht om met mijn geklede sandalen vijf kilometer door het bos te gaan baggeren. Blijkt dat dit wel meer voorkomt. Mensen wandelen te voet naar Perron Noord en nemen dan ‘zomaar’ een spoorfiets zonder zich af te vragen hoe de mensen die voor zo’n spoorfiets betaald hebben weer terug geraken.

Enfin, er werd ons nog een drankje aangeboden en de baas himself heeft ons nadien met zijn auto naar Kapellen gebracht (13 km over de weg).

Eind goed, al goed maar toch met een bittere nasmaak want er was té veel ergernis onderweg om het een leuke uitstap te noemen.

Het relaas van drie ‘vrije’ dagen

Zoals ik hier al schreef was Manlief deze week drie dagen gaan fietsen in de Ardennen. Pardon, in de Hoge Venen. En had ik dus het kot alleen.

Dinsdagmorgen zat ik al om half tien buiten in de zon want het was nog net niet te warm. Ik had wel de ventilator voor me gezet op standje 1. Geen zicht, maar ik heb graag wat luchtverplaatsing. Zo lijkt het minder warm.

Ik wou verder lezen in mijn boek waarin ik al ongeveer een maand bezig ben: “Botsing” van Ingrid Oonincx. Dat was althans het plan.

Je wil niet weten hoeveel keer ik ben opgestaan of afgedwaald.

Een glas water halen …
Eens op Facebook kijken …
Een foto nemen van de mooie wolkjes …
Een koffietje halen in de keuken …
Waar komt dat kloppend geluid vandaan? Ah, de overburen zijn aan hun verbouwing begonnen.
Even WordPress checken …
Zonnecrème smeren …
Nog een glas water …

Enfin, je begrijpt. Veel heb ik niet gelezen op die paar uren en om kwart over twaalf was het tijd om naar de nagelstyliste te vertrekken. French manicure deze keer.

Thuisgekomen snel iets gegeten want om 3u moest ik alweer vertrekken om op tijd aan de schoolpoort te staan.

Kleine Man had maar één wens: fietsen met zijn ‘nieuwe’ fiets. In realiteit betekent dit dat hij fietst en ik er achteraan loop. Gelukkig luistert hij goed en stopt hij op tijd als ik hem zeg tot waar hij mag rijden.

Toen hij weg was heb ik nog lekker buiten gezeten met een glas wijn en genoten van de rust en de stilte. En natuurlijk gebeeldbeld (of is het beeldgebeld) met Manlief die daar in Bütgenbach op een goei wei zat. De dames en heren (20 stuks) hadden deze namiddag 50 km gefietst. Het was vrij zwaar geweest maar hij had geen last gehad van zijn ademhaling. En nu wachtte hen een uitgebreide barbecue. Het is hem en zijn fietsclubje van harte gegund.

Ik heb voor mezelf een stukje kabeljauw gebakken, erwtjes/aardappelpuree erbij en ik had nog spinaziesoep. Lekker gegeten dus.

Woensdag begon op dezelfde manier. Buiten zitten lezen tot mijn boek uit was.

Half twaalf had ik een afspraak met de tandarts, degene die het pand met slaande deuren had verlaten een paar maanden geleden. Hij is opnieuw gestart in een andere praktijk en belde me enkele weken geleden op om te vragen hoe het met me was. Hij wou me graag zien. Ik hem ook.

Ik was er op de fiets heen gegaan en wou er een wat langere fietstocht aanbreien maar ik heb zo lang moeten wachten tot het mijn beurt was (hij was ‘wat’ uitgelopen) dat ik direct terug naar huis gereden ben.

De fietstocht heb ik ’s namiddags gedaan. Mijn nieuwe fiets is een zaligheid om mee te rijden. Zelfs op de laagste stand voel ik dat hij veel meer power heeft dan mijn vorige. Het was lekker weer om te fietsen, al werd het op het einde wel wat warm. Thuis gekomen zag ik dat ik vergeten was Strava weer te starten na mijn koffiestop. Dat heb ik dus even manueel aangepast. Elke kilometer is er één!

Ook de vogeltjes waren blij met het mooie weer

Voor mijn avondmaaltijd had ik een doosje taboulehsalade gekocht. Ik heb er nog wat extra lente-ui, peterselie, stukjes tomaat en reepjes gerookte zalm aan toegevoegd en met een glas wijn erbij had ik weer een lekkere maaltijd.

Donderdag was alweer de laatste dag op mezelf.

In de ochtend hetzelfde scenario: naar buiten en voor ik in mijn nieuw boek begon heb ik eerst een rondgang gemaakt door de tuin en alle verlepte bloemen weggeknipt.

Daarna mijn hoekje in met een boek waarover ik wisselende recensies had gelezen: “Alleen een beetje verliefd misschien” van Lonneke Van Engelen. Ik kan er nog niet veel over zeggen buiten dat ik de schrijfstijl wel vlot en aangenaam vind. Ze schrijft grappig en luchtig, eens iets anders dan de soms zware thrillerstijl.

In de namiddag had ik gehoopt een fijne fietstocht te kunnen maken met mijn vriendin maar zij is na haar wandelvakantie vorige week zaterdag met corona terug thuis gekomen. Net zoals 12 van de 16 andere wandelaars! We zijn nog lang niet van dat virus verlost.

Tegen de middag veranderde het weer en ben ik maar wat gaan poetsen. Dat moet ook gebeuren. Normaal doen we dat samen op vrijdag maar vrijdag zou het mooi weer worden en dan doen we liever andere dingen.

Zes uur ’s avonds was Manlief weer thuis.

Hij had het leuk gehad, ik had het leuk gehad. Allebei gelukkig!