De vakantie

Grüezi mitenand!
Grüessech!

In dit Schweizerdeutsch (Schwyzerdütsch), dat soms moeilijk te verstaan is, werden wij vaak begroet in het mooie Zwitserland. Gegroet samen! Ik groet u!

Ik groet jou, lezer, en ik wil je vertellen over de mooie reis die wij gemaakt hebben. Eens iets totaal anders want normaal trekken wij zuidwaarts in juni: Zuid-Frankrijk, Spanje, Zuid-Italië, Portugal, … Ik heb vroeger, toen ik nog met mijn ouders op vakantie ging, genoeg bergen gezien voor de rest van mijn leven. Dat zei ik tenminste altijd.

En dan was daar toch plots die goesting om nog eens naar Zwitserland te gaan. En toen vond ik op het wereldwijde web ook nog eens een hele mooie route: de Grand Tour of Switzerland. Die zouden we gaan rijden, en we zouden er drie weken over doen. Alleen bleek al gauw dat dit financieel niet haalbaar was. Hotels zijn pokkeduur, en niet alleen hotels! Daarom hebben we ervoor gekozen om delen van Zwitserland waar we vroeger al geweest waren over te slaan en de meeste nachten in Italië te verblijven. Niet al te ver van de grens zodat we toch Zwitserland konden zien zonder er te moeten logeren.

Rondje Vierwaldstättersee : Luzern - Beckenried - Vitznau - Weggis - Küssnacht - Luzern//embedr.flickr.com/assets/client-code.js

De eerste dag (5 juni) zijn we meteen tot in Luzern gereden. Dat ging vrij vlot. Regen tot in Luxemburg en daarna zon en (heel) warm. Aangekomen bij het hotel konden we nog heerlijk op het terras eten bij een temperatuur van 29 graden.

Dat was de volgende dag wel anders. 15 graden wees de thermometer aan en het was grijs maar droog. Goed weer voor een stadswandeling in de voormiddag. Luzern is een aangename stad waar veel te zien is. En het is ook de ideale locatie voor uitstapjes in Centraal Zwitserland.

DSCN1939//embedr.flickr.com/assets/client-code.js

In de namiddag hebben we de auto genomen voor een rondje Vierwaldstättersee: Luzern – Beckenried – Vitznau – Weggis – Küssnacht – Luzern. De zon kwam ook nog piepen toen we aan de voet stonden van de Mont Rigi met zijn besneeuwde toppen. Wat is het Berner Oberland mooi!

Rondje Vierwaldstättersee : Luzern - Beckenried - Vitznau - Weggis - Küssnacht - Luzern//embedr.flickr.com/assets/client-code.js

Vanuit Luzern, waar we vier nachten verbleven, hebben we ook nog uitstappen gemaakt naar de Thunersee en de Brienzerzee. Het was er overal nog erg rustig en Brienz is gezellig en typisch Zwitsers, en zalig om te wandelen aan de meren. Interlaken was ook mooi, en Lauterbrunnen waar we zaten te picknicken op een plekje aan een waterval met vol zicht op de Jungfraujoch.

Lauterbrunnen//embedr.flickr.com/assets/client-code.js

Op onze laatste dag in Luzern zijn we ’s avonds nog eens de stad in geweest. Het was prachtig weer en zo heb ik toch nog zonnige foto’s van de Kapellbrücke, het uithangbord van Luzern. Voormiddags zijn we nog naar Schaffhausen gereden voor de Rheinfall. Daar hebben we als echte toeristen een boottochtje geboekt voor een paar rondjes op de Rijn tot vlakbij de denderende waterval. Echt wel de moeite. Maar druk, druk, druk, …

Schaffhausen, Rheinfall//embedr.flickr.com/assets/client-code.js

Luzern, Kapellbrücke//embedr.flickr.com/assets/client-code.js

We hebben ook nog Stein am Rhein bezocht, een middeleeuws stadje met mooi beschilderde huizen. We waren in de buurt want het was maar een klein eindje rijden vanaf de Rheinfall. Echt wel om je ogen uit te kijken. Manlief wou nog naar Burg Hohenklingen stappen maar dat was mij te veel klimwerk.

Stein am Rhein//embedr.flickr.com/assets/client-code.js

We hadden gepland de Vier-passen route te rijden (Grimsel, Gotthard, Nufenen, Susten), maar drie van de vier passen waren nog niet open vanwege sneeuw en risico op lawines. En dat half juni!

O ja, in Zwitserland picknickten we ’s middags omdat de prijzen van eten en drinken daar echt over de top zijn. Vijfentwintig Zwitserse frank (22.50 euro) voor een eenvoudige spaghetti, zes frank (5.40 euro) voor een flesje bruiswater van 33 cl. Minimum acht frank (7.20 euro) voor 100 cl lokale wijn. Honderd centiliter … drie slokken en het is op! We hadden een koeltas bij en in al onze hotels hadden we een koelkastje op de kamer. Picknickvoorzieningen zijn ook prima in Zwitserland. Mooi gelegen in de natuur, heel verzorgd en altijd met een proper sanitair blok. En de Coop in de dorpen heeft lekker vers brood en een keur aan beleg, salades, fruit, … We zijn niets tekort gekomen!

Vanuit Luzern hadden we een lange rit voor de boeg naar onze tweede verblijfplaats, Bormio. In vogelvlucht misschien 20 km van de Zwitserse grens. Maar met vogelvlucht ben je niks als je met de auto bent. We wilden de route van de Grand Tour volgen en zijn dan via Appenzell, Liechtenstein en de Flüelapas gereden. De Appenzell regio is weer heel anders mooi. Het is er groen met veel koeien in de weiden. En ze hebben er lekkere kaas! In Vaduz is niks te zien buiten een oude ruïne. Maar goed, we zijn eens in Liechtenstein geweest.

Appenzell//embedr.flickr.com/assets/client-code.js

Appenzell//embedr.flickr.com/assets/client-code.js

Op tien kilometer van onze bestemming, op het hoogste punt van de Umbrail pas, stonden we plots voor een gesloten bareel: het laatste stuk van de Stelviopas waar wij over moesten, was nog niet open. Geen verwittiging voor we aan de pas begonnen, ofwel hebben we die niet gezien. In ieder geval, we moesten twee passen terug – in de plensende regen dan nog – en hebben daar zeker twee uren verloren.

Flüelapas//embedr.flickr.com/assets/client-code.js

De volgende dag was het geen te beste weer. Het was de bedoeling dat manlief een fiets zou huren om de Stelvio te rijden, maar het was zo koud en er stond zoveel wind, het zou niet verantwoord geweest zijn. We hebben dan maar het stuk Stelvio pas met de auto gereden tot zo ver we konden.

Bormio in de zomer stelt niet veel voor. Zeker niet bij slecht weer. Maar het hotel had een wellness, dus hebben we ons daar enkele uren vermaakt tot het opklaarde en we nog een kilometer of tien gewandeld hebben. En lekker geaperitiefd en gegeten in het stadje, aan prijzen waarvan we in België alleen maar kunnen dromen.

Stelviopas//embedr.flickr.com/assets/client-code.js

Op dinsdag 11 juni vervolgden we onze reis en zijn we voor vijf nachten naar het Gardameer getrokken waar we logeerden in Colombare (Sirmione). Het was er drukkend warm toen we aankwamen en dat is tijdens de hele periode niet veranderd. Zeer onaangenaam weer met zon en veel bewolking.

De reden dat ik nog eens naar het Gardameer wou is puur sentimenteel. Daar hebben manlief en ik onze eerste vakantie samen doorgebracht. Met mijn ouders, ik mee in het gehuurde vakantiehuis en hij in een tentje in de tuin … zo ging dat in het jaar 1974.

Lago di Garda, Sirmione//embedr.flickr.com/assets/client-code.js

Het Gardameer viel tegen. Niet alleen vanwege de hitte, maar je struikelt er over de toeristen. En vrijwel alle stadjes lijken op elkaar. Had ik dat op voorhand geweten, dan had ik daar twee nachten minder geboekt.

Vanuit Sirmione hebben we een dagtrip gemaakt naar Verona. Een stad die ons heel erg meegevallen is. Veel te zien ook. Ik heb nood aan de combinatie cultuur/natuur tijdens mijn vakantie. En die portie cultuur vonden we onder andere in Verona.

Verona//embedr.flickr.com/assets/client-code.js

Tijdens ons verblijf aan het Gardameer kwam er nog een fijne verrassing. Vrienden van ons waren onderweg van Trente naar Padua en zouden zo goed als voorbij het Gardameer komen. Zij een stukje omweg, wij een stukje rijden en samen heerlijk lunchen en bijpraten in Lazise (wat trouwens wel een aangenaam stadje is.

Zondag 16 juni uitgecheckt en naar Cannobio-Traffiume, nog net aan de Italiaanse kant van het Lago Maggiore. Hoewel het zondag was, was het heel druk op de baan en we zijn lang onderweg geweest. Angelo, de eigenaar van onze B&B, stond al op de uitkijk!

Lago di Garda, Limone//embedr.flickr.com/assets/client-code.js

Hier wilden we toch wel weer wat actiever zijn. Dus stonden we de volgende morgen al vroeg – vanwege de warmte – aan de Villa Taranto om de tuinen te bezoeken. Machtig mooi en we waren de drukte voor. Na de tuinen hebben we in Baveno de ferry genomen naar de Borromeo eilanden. Op Isola Bella hebben we de barokke Villa Borromeo en de schitterende tuinen bezocht. Zeker de moeite. En op Isola Pescatori hebben we lekker gegeten.

Isola Bella//embedr.flickr.com/assets/client-code.js

De volgende dag hebben we de Centovalli gereden. Dat is een gebied van – de naam zegt het – 100 valleien en je slingert er duizelingwekkend hoog tussen de pijn- en kastanjebomen. Er wordt aangeraden deze rit met de trein te doen (van Locarno naar Domodossola en terug langs dezelfde weg) omdat de wegen smal zijn en heel erg bochtig. Maar wij rijden graag en wij hebben geen schrik van wat bochten. Omdat wij vanuit Cannobio vertrokken konden we er een loop van maken en hebben we er ook nog de Valle Cannobina en de Valle Vigezzo bij gedaan. Misschien wel de mooiste rit van de hele vakantie. Je komt er ook door kleine dorpjes, soms wonen er maar twintig mensen. Daar krijg je nog een lekkere cappuccino voor 1.30 euro.

Centovalli//embedr.flickr.com/assets/client-code.js

Aan het einde van onze rit, in Locarno, zijn we doorgereden naar Bellinzona waar we de Tre Castelli ge-/bezocht hebben. Drie middeleeuwse kastelen, UNESCO werelderfgoed. We hebben ze trouwens alleen aan de buitenkant gezien want in één van de kastelen was er een tentoonstelling die ons niet aansprak, voor het andere kasteel waren we te laat en het derde hebben we door wegenwerken en onduidelijke omleidingen niet gevonden.

Bellinzona, Castello di Montebello//embedr.flickr.com/assets/client-code.js

We zijn ook nog naar Andermatt geweest, via de Gotthard pas. Langs de nieuwe pas heen, langs de oude pas terug. Prachtig! In Andermatt zelf was veel nog gesloten. Het is een typische wintersportplaats. Het stadje ligt op 1447 meter, de temperatuur was er dus wel zalig. Zon en zuivere berglucht, ik voel dat direct.

Gotthardpas//embedr.flickr.com/assets/client-code.js

Dat was ook zo in Saas-Almagell (1672 m hoogte) waar we de volgende drie nachten zouden verblijven. Heerlijke frisse berglucht daar in de hoge Alpen. Als hotelgast in het Saasdal krijg je een Gästekarte waarmee je gratis (*) de gele postbussen en de kabelbanen kan nemen. Daar hebben we natuurlijk gretig gebruik van gemaakt. De gele postbus bracht ons o.a. naar Saas-Fee waarna we door het woud teruggewandeld zijn naar Saas-Almagell.

(*) Gratis … niks is gratis. De verblijfstaks is hier zeer hoog met 7 euro per persoon per dag, terwijl dat op andere locaties maar tussen de 1,5 en 2 euro pppn was.

Wandeling Saas-Fee naar Saas-Almagell//embedr.flickr.com/assets/client-code.js

En ook een keer met de bus naar Saas-Grund, dan met de kabelbaan naar Triftalp waar toevallig die dag de koeien naar de alp gebracht werden waar ze de rest van de zomer verblijven. Er wordt daar zo’n klein feestje rond gebouwd voor de bewoners en de schaarse toeristen. Leuk om eens mee te maken.

Triftalp//embedr.flickr.com/assets/client-code.js

Nadien verder met de kabelbaan naar Hohsaas op 3140 meter hoogte. Daar hebben we ons na een kleine wandeling (veel te veel klimwerk voor mij) in het bergrestaurant in de zon gezet met een dure cappuccino om te genieten van de 18 besneeuwde vierduizenders rondom ons. In de verte zagen we de zomerskiërs hun ding doen. Het was er overweldigend mooi!

Kabelbaan Hohsaas//embedr.flickr.com/assets/client-code.js

Daarna afgedaald met de kabelbaan naar Kreuzboden voor een mooie wandeling ‘Wellness & Genussweg’. We hoopten gemzen en ‘Murmeltiere’ te zien maar het is bij wat keutels gebleven.

Dit was een ‘leichte’ wandeling, maar ik begrijp nu dat ‘leicht’ niet persé ‘vlak’ hoeft te betekenen. Het was klimmen en dalen maar wel over goed begaanbare paden. En er was wat afwisseling onderweg onder de vorm van ligbedden, een fit-o-meter, een hangbrug, … Echt een leuke wandeling.

Kreuzboden, Wellness- und Genussweg//embedr.flickr.com/assets/client-code.js

Verder zijn we ook nog naar Grimentz geweest. Grimentz behoort tot de mooiste dopen van Zwitserland met zijn historisch centrum met houten huizen uit de 17de eeuw die nog steeds bewoond worden.

Grimentz//embedr.flickr.com/assets/client-code.js

Onze laatste twee nachten zouden we doorbrengen aan het Meer van Genève, maar dat verblijf heb ik geannuleerd. Het was genoeg. We wilden allebei graag naar huis. Het facetimen met onze Kleine Man zal hieraan niet vreemd geweest zijn.

Maandag 24 juni zijn we dan in één trek terug naar huis gereden, een stuk met de Lötschtunnel autotrein naar Kandersteg. Ik vond het maar akelig in die lange donkere tunnel. Van Kandersteg, waar ik ook nog wel een keer naar terug wil, verder naar Basel en dan maar scheuren over de Duitse Autobahn. Heerlijk!

Lötschtunnel autotrein//embedr.flickr.com/assets/client-code.js

Wat zeker zal bijblijven is dat we tijdens heel deze reis heel veel Baustellen en Stau hebben getrotseerd!

Info voor mezelf:
aantal km gereden: 4.587 km gereden deur tot deur
aantal km gewandeld: 97 km.

Weer:
Van alles wat.
Berner Oberland: een dag bewolkt en de rest volle zon. Heerlijk weer!
Bormio: bewolkt, klein beetje zon.
Gardameer: veel zon met bewolking en heel zwoel. Onaangenaam weer.
Lago Maggiore: veel zon met wat wolken maar toch al aangenamer dan aan het Gardameer.
Wallis: een dag bewolkt en de rest volle zon. Heerlijk weer!

Hotels:
4 nachten: hotel Felmis, Horw-Luzern
2 nachten: hotel Baita dei Pini, Bormio
5 nachten: hotel International, Colombare-Sirmione
5 nachten: B&B Locanda dei Pini, Traffiume-Cannobio
3 nachten: hotel Mattmarkblick, Saas-Almagell

Zoals altijd: hotel reviews op Tripadvisor en alle (veel te veel) foto’s op Flickr.

Wandelschoenen aan!//embedr.flickr.com/assets/client-code.js

Auteur: MyriamC

vrouw / moeder / oma / levensgenieter / wereldreiziger / #foreveronvacation Mijn motto: YOLO!

9 gedachten over “De vakantie”

  1. Oef! Duizelingwekkend, het is net of ik die autotrip met smalle wegen en haarspelden zelf maak nu, zoveel foto's, zoveel info, eigenlijk.. als ik een tip mag geven, geef je hier, voor zeker 7 blogs in 1 keer prijs, en dat is teveel om vast te houden of ook echt te kunnen genieten van je prachtige foto's. Deel het op 😉 Kijk naar het voorbeeld wat ik nu ook doe, dat ik nog altijd vertel over mijn Paasweekend in april met de klipper op het Wad… dat was maar 3 dagen… hahaha En nog ben ik er niet om alles te vertelt te hebben. X

    Like

  2. Ik weet dat het veel te lang is, maar ik schrijf het voor mezelf. Degene die het te veel vindt om te lezen, die kan gewoon afhaken. Ik heb persoonlijk niks aan een reisverslag in verschillende stukken. Snap je?

    Like

  3. Dat is ook weer waar, als je het puur voor jezelf doet, dan is het prima! Het was maar een advies en tip, en ik heb het gelezen, punt is, is dat ik niet weet waar ik op zal reageren, zoveel info ineens tegelijk 😉 Overigens, geen idee of het kan hier, maar ik kan het inplannen ook, dat heb ik ook vaak gedaan,z elfde trip, op 1 dag gemaakt, maar ook in verschillende blogs maar dan op andere dagen online laten komen, erg makkelijk en handig van wordpress. maar jij doet het voor jezelf, en ik zeg niet dat ik afhaak, maar ergens, onthouden mijn hersens het niet meer en weet ik niet zo goed hoe te reageren en waarop, of mijn reactie wordt erg lang… X

    Like

  4. Prachtige foto's!Ik krijg zo weer zin om erheen te gaan, als kind gingen we vaak die richting uit. Maar jouw verhaal en sfeervolle beelden doen me watertanden.Een sanitair blok bij een picknickplaats, daar kunnen ze hier in België veel van leren!

    Like

  5. Dank je. Als kind gingen wij altijd naar de bergen. Ik had er op den duur zo genoeg van dat het nog jaren geduurd heeft voor ik weer bergen wou zien. 😉

    Like

  6. Ik blijf de bergen prachtig vinden. Maar omdat wij vooral fietsers zijn, trekken we nooit die richting uit, zelf met een e-bike lijkt het me te zwaar (voor mijn batterij én voor mij 🙂 )

    Like

Reacties zijn gesloten.