L’Epicerie du Cirque *, Antwerpen

Het was weer Restaurantweek in België en ik heb me nog maar eens laten verleiden. In eerste instantie tot twee lunches: gisteren – zaterdag – bij Ardent maar daar heeft zoonlief stokken in de wielen gestoken want zijn haagbeuk moest in de grond voor het zou beginnen vriezen en daarbij had hij zijn vader nodig. Ik heb ons netjes en ruim op tijd afgemeld. En niet getreurd, want voor vandaag – zondag – had ik een reservatie voor de lunch bij L’Epicerie du Cirque. Groot was mijn verbazing toen enkele weken geleden bleek dat Michelin hen een eerste ster had toebedeeld. Ik was er dan ook van overtuigd dat ik een perfecte keuze had gemaakt.
 
Even groot was onze teleurstelling toen na de maaltijd bleek dat mijn keuze niet de juiste was geweest.

Waarom?

Het pand op zich al. Het is een lang vrij smal pand met een industriële look. Nu hou ik wel van de industriële look, maar dan moet hij wel mooi en gezellig (ja, dat is mogelijk) zijn uitgevoerd, iets wat hier volledig de mist in ging. Een gepolierde betonnen vloer, witgeschilderde muren, kleine nephouten bistrotafels met – – goed zittende kunststof kuipstoelen. Blijkbaar hadden ze er daar niet voldoende van gekocht want hier en daar stond er een stoffen exemplaar van een andere kleur tussen. Of het erom gedaan was weet ik niet, het kwam mij nogal rommelig over. Gelukkig lagen er wel stoffen servetten op tafel, maar dat was het dan qua aankleding.

Het restaurant was, op twee tafeltjes na, volledig bezet. En dat was te merken! Nog nergens hebben we zo’n slechte akoestiek meegemaakt. Het was zelfs zo erg dat we op een gegeven moment tegen elkaar moesten roepen om ons verstaanbaar te maken. Het rumoer en al die stemmen door elkaar stoorde zo erg dat ik me daar enorm aan geërgerd heb. Van gezellig rustig samen tafelen was geen sprake.

Onmiddellijk bij het binnenkomen – we zaten bij de deur, gelukkig niet aan het eerste tafeltje want telkens de deur openging kwam er een enorme tocht binnen hoewel het niet eens zo koud was buiten – werd ons gevraagd wat we wilden drinken. We wilden wel een glas witte wijn, een fruitige wijn graag. Groot was onze verbazing toen dat niet mogelijk bleek. Er zijn tijdens de Restaurantweek maar twee open wijnen, een witte en een rode, te nemen of te laten. Of een fles uiteraard, maar dat is voor ons te veel want als we nog moeten rijden drinkt manlief maar één glas. Twee glazen wit dus, Côtes de Gascogne, een eenvoudige vin de pays. We bestelden ook een fles water. Water van het merk Nine Degrees 9°. Onderaan op de fles stond het volgende gedrukt: ‘Deze temperatuur (9°) is dan ook de ideale drinktemperatuur‘. Allemaal goed en wel, maar dan zou het wel op de ‘ideale’ temperatuur moeten gehouden worden door middel van een koeler. En dat gebeurt niet.We hadden water met koolzuur waar de stop vanaf werd gedraaid en meegenomen. Gevolg: op het einde van de maaltijd nog nauwelijks koolzuur te zien.

Er stond ook een mini leisteentje op tafel met twee zuinige stukjes bruin brood. Verder een schoteltje met daarop een mooi en lekker boerenbotertje, grof zout en grove peper en een potje met een onbestemd iets (tapenade?).

Al heel snel werden de amuses opgediend: een schaaltje met bloemkool / hazelnoot / Avruga en een leisteen met grijze garnaal / karnemelk / koffie. Dennis Broeckx himself diende op en de aankondiging klonk als ‘diverse bereidingen van bloemkool, …’. Diverse bereidingen van bloemkool … dat moeten die twee pietepeuterige roosjes bloemkool in het schaaltje geweest zijn, te klein om echt te proeven wat het was. Het hapje op de leisteen had gelukkig iets meer smaak.

We hadden nauwelijks onze amuses op toen de voorgerechten al geserveerd werden: pompoen / shiitake / mimolette. Pompoen, check. Shiitake, check. Mimolette? Het zal wel, maar we hebben hem niet gezien en ook niet geproefd. Het was gewoon een vrij smakeloos voorgerecht.

Na een (te) lange pauze volgde dan het hoofdgerecht: pladijs / topinamboer / waterkers. Een pladijsfiletje, wat grote druppels waterkers, een paar nieuwe aardappeltjes, puree van topinamboer (aardpeer) en rauwe schijfjes topinamboer. Hierover werd aan tafel een jus van barabarakruid geschonken. De smaken van het hoofdgerecht zaten allemaal goed, het was een lekker gerecht. Helaas was het al niet meer heel warm toen het opgediend werd. We vonden het zonde om de lekkere jus op het bord te laten liggen, daarom zijn we zo vrij geweest nog een stukje brood te vragen. Gelukkig bleek dat geen probleem maar ik had het prettiger gevonden moest de bediening uit zichzelf nog met brood zijn rondgegaan.

Na weer een redelijk lange pauze kwam het dessert. We hebben er direct maar koffie bij besteld, kwestie van de wachttijd niet onnodig te verlengen. Het dessert citroen / merengue / vlierbloesem (waarbij ze meer dan waarschijnlijk meringue bedoelen)  was niet slecht maar, net zoals de rest van de lunch, zeer eenvoudig en niet echt getuigend van veel creativiteit. Bij de koffie kwamen de gebruikelijke koekjes: een rocher, een mini madeleine, die dingen. En een mandarijn! Wat die daar kwam doen?

Wat mij verder ook nog opviel was de verschillende borden (en glazen) die er door elkaar gebruikt worden. De tafel naast ons kreeg het hoofdgerecht in een wit bord, wij in een zwart bord. Op de een of andere manier stoorde mij dat, en ik vind het ook niet passen in een sterrenrestaurant. Want daar zaten we tenslotte toch. Onze gerechten waren ook helemaal niet in overeenstemming met de gerechten die ik op de kaart terugvind. Bistrokeuken, meer kan ik er echt niet van maken. Prijs/kwaliteit was het correct, ook de aangepaste wijnen waren correct geprijsd, maar ik betaal dan liever tien of twintig euro meer voor een lunch met wat meer bijzondere producten. Van de ‘moderne en gedurfde keuken’ waarover ik gelezen had was geen sprake. Ik stel mij dan ook de vraag wat een restaurateur ertoe drijft deel te nemen aan de Restaurantweek om dan een totaal andere keuken te presenteren dan wat er gesuggereerd wordt op de kaart. Het zet ons er in ieder geval niet toe aan om nog eens terug te keren.

Jammer, want mijn verwachtingen waren hoog. Zeker door de komst van de Michelin ster … die ze zeker niet verdiend hebben met het lunchmenu van deze middag. Ik kan zo tien restaurants opnoemen waar we – ook tijdens de Restaurantweek – veel beter gegeten hebben.

Auteur: MyriamC

vrouw / moeder / oma / levensgenieter / wereldreiziger / #foreveronvacation Mijn motto: YOLO!